Rokin: Maria de Medici krijgt groots onthaal, 3 september 1638

Nooit eerder heef Amsterdam een vorstelijk persoon zo luisterrijk ontvangen als in 1638 Maria de Medici, de koningin-moeder van Frankrijk. Hoogtepunt is een spektakel op het toen veel bredere water ter hoogte van de Oude Turfmarkt bij de Langebrug.

Maria de Medici is sinds 1610 weduwe, nadat echtgenoot koning Hendrik IV door een godsdienstwaanzinnige is vermoord. In de paar jaar dat ze regentes is zoekt ze toenadering tot de Habsburgers, die zetelen in Madrid, Wenen en Brussel. Die politiek wordt verlaten als haar oudste zoon als Lodewijk XIII de troon beklimt en zijn eerste minister kardinaal Richelieu de touwtjes in handen neemt. Het lukt haar niet om de kardinaal ten val te brengen en in 1630 wordt ze zelfs verbannen en verblijft ze in het Habsburgse hof te Brussel. Ze slaagt er wel in om haar drie dochters te koppelen aan respectievelijk de koningen van Spanje en Engeland en de groothertog van Savoye. "Toen Maria de Medici haar bezoek aan Amsterdam bragt was zij een jammerlijk ontluisterde vorstin; een bouwval naar het ligchaam, een bouwval van Staat, berooid en niet achtenswaardig", schrijft Conrad Busken Huet in 1882 in Het land van Rembrand. Wat bezielt de stad om alles uit de kast te halen en haar zo te onthalen?

Gevoelig
Economisch gezien gaat het geweldig goed met Amsterdam in deze jaren. Minpunt is de voortsudderende oorlog met Spanje, die net weer nieuw leven ingeblazen is na mislukte vredesonderhandelingen. Er is zelfs een verdrag met Frankrijk gesloten met het doel om samen de Habsburgers uit Brussel te verdrijven en dan de Zuidelijke Nederlanden onderling te verdelen. Een perspectief dat voor Amsterdam bepaald niet aanlokkelijk is, want dan krijgt de stad te maken met concurrentie van Antwerpen.
Als de Franse koningin-moeder aankondigt via Zeeland naar haar dochter in Engeland te willen reizen, weet stadhouder Frederik Hendrik de Staten-Generaal over te halen haar een langer verblijf toe te staan en waardig te ontvangen. Het stadhouderlijk echtpaar heeft een eigen overweging: het wil de bemiddeling van de hoge gast om een huwelijk te arrangeren tussen haar Engelse kleindochter Mary en hun zoon Willem. Maar politiek gezien ligt het bezoek gevoelig, want het kan in Parijs opgevat worden als een klap in het gezicht. In Den Haag wordt daarom besloten er niet te veel werk van te maken en er geen extra geld voor uit te trekken. Het stadsbestuur van Amsterdam denkt daar heel anders over. Hoe grootser de ontvangst, hoe duidelijker het is dat de stad de vredespartij steunt. Dat mag best wat geld kosten.
Na een paar dagen Den Haag, waar Gerard van Honthorst haar portretteert, komt Maria de Medici per koets naar Amsterdam, vanaf Haarlem langs het (toen veel bredere) IJ over de Spaarndammerdijk. Bij de Haarlemmerpoort wordt ze namens het stadsbestuur welkom geheten door oud-burgemeester Andries Bicker, die er staat te wachten met het feestelijk uitgedoste schuttersvedel waarvan hij kolonel is. De stoet gaat naar de Dam, waar aan de zuidoostkant een erepoort is opgesteld met erboven een tableau vivant: een stilstaand toneeltje dat haar huwelijk in 1600 uitbeeldt.

Rijsttafel
Via de Warmoesstraat, de Lange Niezel en de Oudezijds Voorburgwal komt de stoet bij de Varkenssluis voor de Oude Doelenstraat. Hier is een tweede tableau vivant op een erepoort te zien: een door namaakleeuwen bespannen strijdwagen waarin Maria de Medici, uitgedost als de mythische godenmoeder Berecynthia, zit met haar kinderen. Op de achtergrond is de voorplecht van een kogge met de Stedemaagd en Mercurius, terwijl personen die de verschillende werelddelen moeten verbeelden in exotische kleren toekijken. Het stadsbestuur ontvangt haar op het Prinsenhof, haar logeeradres. De echtgenote van Frederik Hendrik, Amalia van Solms, die haar begeleidt, slaapt een paar huizen verderop.
De volgende dag krijgt ze een rondleiding door de stad en maakt het Oost-Indisch Huis grote indruk, vooral de Indische rijsttafel die er wordt geserveerd. Zoiets kan je nergens elders in Europa eten. Caspar van Baerle merkt op dat de gerechten niet alleen een weldaad zijn voor de tong, maar ook heerlijk geuren en er prachtig uitzien. Hij schrijft in het Latijn een rijk geïllustreerd verslag van het bezoek, dat op de markt verschijnt in een vertaling van Vondel
Op de derde dag staat het waterspektakel op het Rokin op het programma. Uit Waterland is een dag eerder een veeneilandje naar het Rokin gesleept, waarop een tweezijdig lijsttoneel is opgetrokken. Het eilandje drijft ter hoogte van de huidige ligplaats van rondvaartboten bij het Allard Pierson Museum. Maria de Medici zit met de Oranjes in een met dure tapijten belegde sloep en duizenden mensen staan aan de kant en op bootjes toe te kijken. De Osjessluis tussen Spui en Rokin wordt opengezet en daar drijft Neptunus, balancerend op een zeeschelp, richting het hoge gezelschap, met achter zich een kogge waarop de Stedemaagd met de handelsgod Mercurius staat.

Nachtwacht
Aan de ene kant van het lijsttoneel is een tableau vivant te zien met de Stedemaagd die van landsheer Maximiliaan I de keizerskroon ontvangt. Een gebeurtenis uit 1489, maar recent is de herinnering opgepoetst door de plaatsing van de keizerskroon op de Westertoren. Nadat het doek onder applaus gevallen is, vaart het gezelschap naar de andere zijde van het toneel, waar een ander tableau vivant toont hoe de Franse maagd Hercules smeekt om het gespleten Frankrijk – voorgesteld als een globe – weer te verenigen. Het idee is dat het publiek zich herinnert dat Hendrik IV het voor niet-katholieken tolerante Edict van Nantes heeft afgekondigd en dat Hercules een mythische krachtpatser is die hondsmoeilijke, goddelijke opdrachten tot een goed einde weet te brengen. De koningin-moeder kijk toe vanuit de sloep en ziet zichzelf in het tableau vivant werkelijkheidsgetrouw afgebeeld als een enigszins corpulente verschijning van middelbare leeftijd. Een hilarisch spiegelgevecht tussen matrozen, die allemaal in het water belanden, sluit het spektakel af.
Er volgen die dag nog wat spelevaren op het IJ en een tewaterlating. De vierde dag gaat de hoge gast winkelen – ze wil steeds afdingen – en op de laatste dag vertrekt ze richting Engeland. Precies op die dag word in Parijs haar kleinzoon geboren, de latere Lodewijk XIV. Maria de Medici zal in 1642 in eenzaamheid in Keulen overlijden – het jaar dat Rembrandt zijn Nachtwacht voltooid, bestemd om de grote zaal van de Kloveniersdoelen te verfraaien. Bij het hoge bezoek in 1638 zijn alle schuttersvendels uitgerukt en dat moest vereeuwigd worden. Zonder de bruisende ontvangst van Maria de Medici was het wereldberoemde doek nooit geschilderd.


ROZENKRANS
Tijdens haar bezoek hoort Maria de Medici, die fijn katholiek is, dat burgemeester Andries Burgh in bezit is gekomen van de rozenkrans die ooit heeft toebehoord aan Franciscus Xaverius. Het gebedssnoer is via een Portugese pater, die in Brazilië door Piet Hein gevangen is genomen, in Amsterdam beland. Met dit kleinood van de heilig verklaarde jezuïetenmissionaris vertrekt ze uit de stad. Het schilderij dat Gerard van Honthorst van haar heeft gemaakt, doneert ze aan de stad. Op de daarvan afgeleide ets van de hand van Salomon Saverij houdt ze de rozenkrans in haar hand.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Beeld: Hercules nadert het bootje van de hoge gast tijdens het waterspektakel op het Rokin. Links een zijde van het toneel met een van de tableaux vivants op het geïmproviseerde eilandje. Stadsarchief Amsterdam / Simon de Vlieger, S. Savrij, Salomon Savery.

Delen:

Buurten:
Centrum
Editie:
December November
Jaargang:
2016 68
Rubriek:
Hier gebeurde het
Tijdperk:
1600-1700