Moord in matrozenpak

Behalve Donald Duck, een klein groepje Lieve Jongens, het Haags Matrozenkoor en Japanse kledingfetisjisten dragen weinig mensen tegenwoordig nog een matrozenpakje. Tijdens het Interbellum was dat wel anders: het kostuumpje met de markante braniekraag was toen uitgegroeid tot de favoriete dracht voor schooljongens.

In Amsterdam behoorden de Boissevains in de 19de eeuw tot de trendsetters. De in scheepvaart en handel rijk geworden familie maakte via huwelijkspartners uit Engeland en Ierland kennis met het matrozenpakje, dat daar onder de gegoede burgerij al een zekere populariteit genoot. Effectenhandelaar Eduard Boissevain (1810-1885) en zijn Engelse vrouw verzamelden foto’s van prinsenkinderen in matrozenpakjes, zoals de latere keizer Willem II als tweejarige. Ook hun eigen kleinzonen en andere familieleden gingen in zo’n kek pakje op de foto. De journalist en latere hoofdredacteur van het Algemeen Handelsblad Charles Boissevain (1842-1927), was eveneens met een Engelse getrouwd en ook hij hees zijn twee zoontjes in een matrozenoutfit.
Rond de eeuwwisseling lagen de matrozenpakjes, inclusief het populaire ‘fluitje aan een wit koord’, bij Maison de Bonneterie, terwijl de firma Dietz diverse modellen van allerlei stoffen verkocht. Zelfs zachte fluwelen exemplaren waren verkrijgbaar voor wie bereid was diep in de buidel te tasten. Voor hun dochters konden ouders rode flanellen pakjes kopen bij de Bijenkorf.
De matrozenmode was lange tijd voorbehouden aan de elite. Op de deftige burgerschool die de latere geschiedenishoogleraar Izaäk Brugmans als broekeman bezocht, droegen veel leerlingen matrozenpakjes. De ouders van de jongens op de ‘schooiersschool’ verderop konden zich dat niet veroorloven.
Ook ouders in andere landen liepen weg met de vertederende matrozendracht. Na de Russische revolutie bleven de aristocratische matrozenpakjes in trek in de Sovjet-Unie vanwege de semimilitaire uitstraling. Nederlandse fellow travellers, zoals de ouders van Gerard en Karel van het Reve, deden ook mee aan de rage. De beide schrijvers droegen als jongelingen matrozenpakjes.
Omdat de aanschaf van een nieuw matrozenpakje een kostbare zaak was, droeg de jonge W.F. Hermans gedragen exemplaren, “allemaal afkomstig van mijn oudere neef uit Almelo.” Na de Tweede Wereldoorlog verloor het matrozenpakje zijn glans voor de elite en kreeg het een oubollig imago. De gay community blies het pakje nieuw leven in door het in een homo-erotische context te plaatsen. Een fervent drager was Willem Klein, beter bekend als het rekenwonder Willy Wortel. In 1986 werd hij in zijn woning dood aangetroffen in een matrozenpak met korte broek. De moord bleef onopgelost.

IGNAZ MATTHEY, ‘HET STOND JE ZO SCHATTIG’. CULTUURGESCHIEDENIS VAN HET MATROZENPAKJE (ZUTPHEN 2010).

Maarten Hell
November/december 2010

Header: Een foto met een jongetje (Hendrikus Koller) uit 1924 in een matrozenpak. De foto is afkomstig uit de Beeldbank van het Stadsarchief van Amsterdam en vervaardigd door Willem Koller (1879-1954).

Delen:

Dossiers:
Mode
Editie:
December November
Jaargang:
2010 62
Rubriek:
Verhaal
Tijdperk:
1900-1950 1800-1900