Kalverstraat 122, juni 1880: Zwemmen tussen de ijsschotsen

In een zaaltje aan de Kalverstraat houdt de excentrieke Ernst Mahner uit Saksen voordrachten over zijn gezondheidsleer. Met elke dag een koud bad, regelmatig vasten, geen sterkte drank en ruim zittende kleding kan men heel oud worden, is zijn boodschap.  

Acht jaar eerder, in juli 1852, had Mahner de stad al eens bezocht en lezingen gehouden in Het Wapen van Amsterdam op het Rusland, hoek Kloveniersburgwal. Hij maakte toen indruk. De Amsterdamsche Courant schreef dat hij weliswaar veel ontleende aan het boek Makrobiotik van dr. C.W. Hufeland uit 1797, ‘maar de innige overtuiging, waarmede de man spreekt, zijne warme voordragt, zijn fantastisch maar toch belangwekkend voorkomen, alles in een woord draagt bij eenen diepen en heilzamen indruk te maken’.  

Het Handelsblad meldde dat Mahner zijn wetenschap in de stad kwam verkondigen, maar voegde er zuinigjes aan toe: ‘en dat wat men ook van die wetenschap zelve denken moge, er geene reden van twijfel bestaat omtrent ’s mans eigene overtuiging’. Een door Mahner belegde openluchtbijeenkomst bij de Willemspoortwerd wordt afgebroken door de politie, omdat hij geen vergunning had aangevraagd. 

Mahners leer kwam erop neer dat mensen door een gezonde voeding en levenshouding ziekten konden uitbannen en een hoge ouderdom konden bereiken. Men moest zijn aangeboren instinct volgen, zoals de oermens dat ook altijd had gedaan. Zijn instinct zei hem dat het heel gezond was om elke dag een koud bad te nemen en gymnastische oefeningen te doen.  

Mahner at alleen brood, vruchten en een weinig groente, en raadde iedereen aan regelmatig vier of vijf dagen te vasten. Hij dronk alleen water, melk en soms wijn. Gebruik van warme dranken als koffie en thee waren sterk af te raden. Sterke drank en tabak waren des duivels. Ruim zittende kleding kwam het levensgenot ten goede en mannen moesten hun baard laten staan. Met dit ratjetoe aan ge- en verboden reisde de Grijze Pelgrim – zoals hij wel werd genoemd – stad en land af. 

Vader Rijn 
Maar zijn bekendheid ontleende Mahner vooral aan spectaculaire optredens, waarbij hij een groot publiek wist te trekken. Zo stak hij in Zuid-Limburg in 1847 een stapel pijpen en korsetten in brand. Zijn naam vestigde hij voorgoed door verschillende malen tussen ijsschotsen in de Rijn te zwemmen. In februari 1854 riep hij – zittend in zwembroek op een ijsschots te Neuwied, ten noorden van Koblenz – zijn omstanders op om gezonder te leven. Aan het eind van het jaar deed hij dat nog eens over te Keulen, nu uitgedost als ‘Vader Rijn’, zijn hoofd omkranst met groen, een staf in de hand en ‘met lange grijze haren die over borst en schouders golfden’.  

De eerste helft van het jaar erop verbleef Mahner overigens in de gevangenis van Trier, veroordeeld wegens diefstal. Hij had zich namelijk een portemonnee toegeëigend die hij aangetroffen had in de hotelkamer waar hij verbleef. Door die veroordeling werd ook wereldkundig dat de gezondheidsprofeet in werkelijkheid Karl Friedrich Wilhelm Schlemmer heette, en als zoon van een koster in het Saksische Halle ter wereld was gekomen. 

In december 1864 en januari 1867 zwom Mahner weer in de ijskoude Rijn, begin 1870 deed hij dit opnieuw. Zittend op een dwars over een bootje gelegde ijsschots, weer uitgedost als Vader Rijn, zette hij zijn leer uiteen aan de toegestroomde menigte. Daarna sprong hij in het ijskoude water, waar de inmiddels 62-jarige overigens al na drie minuten weer uitklom. 

Softpornofilms 
Het pand waar Mahner in 1860 zijn voordrachten hield, was de nieuw gebouwde concertzaal Diligentia, die op 8 oktober 1854 werd geopend. De zaal was L-vormig, want de buurpanden aan het eind van de Begijnensteeg waren erbij getrokken. In het complex had de ‘koninklijke muzijk-instrumentenmakerij Van Raay & Zn.’ gezeten, gespecialiseerd in het fabriceren van piano’s. Al snel werd het gebouw ook als theaterzaal gebruikt, maar door die merkwaardige zijvleugel van waaruit het zicht op het toneel beperkt was, werd dat nooit een succes. 

Ontdek Ons Amsterdam

Wil jij alles weten over de fascinerende geschiedenis van Amsterdam?

Meld je aan Arrow right Geef cadeau Arrow right

Het pand is verschillende keren verbouwd. Er heeft een meubelzaal gezeten, daarna werd het Theater De Vereeniging en vervolgens een hotel-restaurant. In 1911 werd het gebouw grondig onderhanden genomen door architect Evert Breman om er bioscoop Téâtre Pathé te huisvesten, dat er tot 1923 in zat. Na een kortstondige poging om er een variététheater van te maken kwam er weer een bioscoop, Corso Cinema. Die heeft het uitgehouden tot 1979, en draaide in de laatste jaren voornamelijk softpornofilms. Daarna werd het een restaurant en vervolgens kreeg het opeenvolgende winkelbestemmingen.  

Door al die verbouwingen is er weinig meer te bespeuren van de locatie waar het Duitse gezondheidsorakel van zich liet horen. Alleen de zij-ingang in de Begijnensteeg ziet er nog uit zoals hij hem gezien heeft. 

Oerwet van het leven 
De door Mahner gepropagandeerde leer was net zo onsamenhangend als de ijsschotsen waartussen hij zwom, en heeft daarom geen naam gemaakt. Dat er een verband bestaat tussen levenswijze en gezondheid zullen weinigen hebben betwist. Maar de wenkbrauwen zijn waarschijnlijk omhoog gegaan als hij nader inging op deze relatie.  

In een in 1852 in verschillende kranten geplaatste ingezonden brief schreef Mahner dat het ging om het terugvinden van de oorspronkelijk aan ieder schepsel aangeboren levenskunst, die het menselijk geslacht al sinds duizenden jaren had verloren. Dat noemde hij de belangrijkste ontdekking van de eeuw. Als men deze ‘oerwet van het leven’ ter harte nam, waren alle medicijnen en artsen overbodig.  

 Aan de ‘volksleraar van de oorspronkelijke gezondheidskunde’, zoals hij zichzelf in zijn ingezonden brief noemde, was het nuttigen van een kruidenbitter of een kop erwtensoep –favoriet bij een Nieuwjaarsduik – niet besteed. Dat deed de natuurmens immers ook niet. Enige zelfoverschatting was de excentriekeling niet vreemd. En erg verhelderend was de omschrijving van zijn leer als ‘primitieve biologie’ nu ook weer niet.  

Ten slotte ging deze ‘volksleraar van de oorspronkelijke gezondheidskunde’, zoals hij zichzelf noemde, de weg van alle natuur. Mahner overleed in 1876 berooid in een ziekenhuis in Konstanz, zo wist een Berlijnse arts te melden. De hoge leeftijd die hij zijn Amsterdams publiek voorspiegelde, heeft hij niet bereikt. De kranten die ooit veelvuldig schreven over zijn optredens, vonden zijn heengaan niet vermeldingswaard. 

 

KNELLENDE KLEDING
Hoewel Mahner het nut van de medische wetenschap in twijfel trok, voelde arts en vroedmeester dr. P.F. Otten, die praktijk hield op het Rokin, zich geroepen om in 1852 in een ingezonden brief in het Handelsblad te wijzen op een zinvolle suggestie die hij opgestoken had van ’s mans lezing. Het betrof de gevolgen van knellende kleding voor de gezondheid, waarbij hij inging op de nadelige gevolgen van het inbakeren van zuigelingen en van de wespentailles die de vrouwenmode voorschreef. 

Beeld: Froukje Holtrop.

Delen:

Buurten:
Centrum
Dossiers:
Editie:
Juni
Jaargang:
Rubriek:
Hier gebeurde het
Tijdperk:
1800-1900