Ineens zag ik het

Wie, zoals ik, geboren is in de Esmoreitstraat, weet hoe leeg en stil de stad kan zijn. De Esmoreitstraat ligt tussen Erasmusgracht en Bos en Lommerweg, onder de Hoofdweg en boven de Admiraal de Ruijter. Bij gebrek aan doorgaand verkeer was het er zo stil dat je de schoenmaker op zijn leest hoorde slaan en de Haarlemmertram over de Admiraal de Ruijterweg kon horen gaan.

De gestalte die de stad in de laatste maanden had aangenomen, deed mij denken aan mijn kinderjaren, maar was voor de meeste mensen volslagen nieuw. In verbijstering keken ze om zich heen, en het gekke was dat ze omringd door al die leegte en stilte plotseling gebieden in de stad aandeden waar ze normaal nooit kwamen. Als verdwaasde ontdekkingsreizigers keerden ze uit die streken terug om mij opgewonden te onderhouden over de straten en stegen, grachten en grachtjes vlak achter de Nieuwmarkt bijvoorbeeld, waar ik eens moest gaan kijken, “want je weet echt niet wat je ziet”.

De stad kent vele gedaanten, maar geen mens lijkt het te zien. De volste maan boven de stad trekt nauwelijks bekijks, zelfs niet als hij aan het einde van de Overtoom hangt, of op het Centraal Station is geland. De zon heeft zich als maan verkleed en staat als een geeloranje schijf aan een donkere hemel. En laat zich recht in het gezicht kijken. Het einde der tijden is nabij, dacht ik, maar ik was de enige, op een klein meisje na, dat het ook niet helemaal leek te vertrouwen.

Er vliegt een Joint Strike Fighter door de Beethovenstraat, de ruiten rinkelen in hun sponningen, de pannen vallen van het dak, maar geen mens kijkt ervan op. Zelfs de zonsverduistering, die het licht in kleine stippen uiteenneemt, de schaduwen binnenstebuiten keert en alle geluid tot een soort getinkel maakt, maakt niemand in de war. Maar de stilte en leegte die deze keer op de stad neerdaalden, zijn niemand ontgaan. Doordat alles op slot zat? We elkaar niet meer aan mochten raken? Omdat we bang waren?

Toen ik eind mei het Centraal Station uitliep, was ik weken niet in de stad geweest. De trams stonden niet meer waar ze stonden, ze waren vrijwel leeg en reden op een sukkeldrafje door de stilte. Weinig fietsers, geen toeristen, en er was nog iets, maar wat? Ineens zag ik het. De hele stad hing vol affiches waarop een blonde ariër tegen de achtergrond van de prinsenvlag liet weten dat hij voor ons won op alle fronten. Zat ik wel in de goede stad, vroeg ik me af. Even niet opgelet misschien? 

 

Guus Luijters

Juli/Augustus 2020

Delen:

Buurten:
Centrum West

Gerelateerd

De vaste route van Hortus-directeur Carlien Blok
De vaste route van Hortus-directeur Carlien Blok
Vaste route 13 januari 2021
De eerste jaren van HVO Querido, zorgorganisatie voor kwetsbare Amsterdammers
De eerste jaren van HVO Querido, zorgorganisatie voor kwetsbare Amsterdammers
Verhaal 1 december 2019
Straatfiguren. Arie 'Charlie' Vlug (1917-1996)
Straatfiguren. Arie 'Charlie' Vlug (1917-1996)
Verhaal 1 december 2019