'Gaan we even anders doen'

De straten van mijn opa's: de Achillesstraat en de Milletstraat; dat zijn mijn eerste impressies van Amsterdam. Deze straten vormen het begin van mijn geheugen over het leven in de stad. Het tweede beeld is steevast het rafelige wandelpad langs de tuinen van het rijtje huizen waar ik met mijn ouders in 1959 kwam te wonen aan het land in het rivierenbuurtwijkje.

Laat ik mijn geheugen de vrije loop, dan doemen steeds dezelfde herinneringen op: mijn vader aan het tikken op wit papier met daaronder carbon voor een kopie. Het bleef niet bij tikken, hij telefoneerde met de buren, ging bij ze op bezoek, en ik mocht als verlegen vijfjarig jongetje met hem mee. Hij overlegde fanatiek, omdat hij bedacht had dat de tuinen van het rijtje van zes huizen met acht bij anderhalf meter uitgebreid konden worden. De gemeente had nog geen uitgekristalliseerde plannen voor het land. Onze buurvrouw, de oude mevrouw Manasse, voor wie ik bang was vanwege haar valse hond Kita, wilde niet meedoen. Mopperend zag ik mijn vader rekensommen maken om het bedrag te bepalen dat hij samen met de buren extra moest betalen.
Vaak verspringt dan het beeld naar de eerste keer dat mijn zusje en ik mee mochten eten bij onze katholieke buren, de familie Heijnen. Aardige mensen, een gezin met zes kinderen. Voordat de maaltijd werd opgeschept, vouwden ze hun handen samen en zeiden een vroom gedichtje op. We begrepen er niets van – we keken naar de grond om onze slappe lach te onderdrukken.
De opbouw van mijn kennis over de geografie van de stad vorderde toen we naar de lagere school gingen nabij de buurten van onze opa's. De sfeer daar is mooi beschreven door Marjoleine Oppenheim-Spangenberg in het boek over haar moeder, Over zij en ik (2013). Toen ik dat las, ging een lichtje aan op een vergeten plek in het archief van mijn hoofd.
De vader van Marjoleine en haar broer Stan had een Alfa Romeo. Twee keer per week bracht hij ons naar school – een idee van mijn vader. Er was nog een zesdaagse schoolweek, met op zaterdag les tot twaalf uur, dus maakte hij gemeenschappelijke haal- en brengafspraken met de familie Spangenberg. Zij woonden in de één kilometer verderop gelegen Maasstraat. Vader Spangenberg kwam ons vaak te laat ophalen. Maar anno 1964 was dat geen probleem: weinig stoplichten, alleen files als vrachtauto's hun goederen aan het uit- en inladen waren. "Gaan we even anders doen", mompelde hij. Het was alsof hij zijn auto in vliegstand zette. Hij reed het trottoir van de Stadionweg op, gaf extra gas en draaide op weg naar de Eerste Openluchtschool als een coureur de Cliostraat in.

Beeld: Achillesstraat, 1959. Stadsarchief.

Delen:

Buurten:
Zuid
Dossiers:
Amsterdammers
Rubriek:
Herinneringen
Tijdperk:
1950-2000

Gerelateerd

50 jaar Ons Amsterdam
50 jaar Ons Amsterdam
50 en 25 jaar geleden 12 mei 2021
Herinneringen aan de Montessorischool op het Hygiëaplein
Herinneringen aan de Montessorischool op het Hygiëaplein
Herinneringen 3 maart 2021
Verliefde blikken door gat in krant
Verliefde blikken door gat in krant
Herinneringen 1 april 2010