Eerste oogst uit het Rokin

Archeologen vinden veel huisraad

Vlak voor dit nummer ter perse ging, belden we stadsarcheoloog Jerzy Gawronski nog even. Hij bevond zich, meldde hij, op zesenhalve meter onder Normaal Amsterdams Peil, ter hoogte van een bodemlaag uit de 14de eeuw. “We mogen nog tot en met maandag hier zoeken; daarna moeten de bouwvakkers weer aan de slag. Maar vanaf eind mei mogen we weer verder graven, tot elf, twaalf meter diep, dat is ónder de bedding van de middeleeuwse Amstel!”

Sinds wethouder Herrema op 6 maart het startschot gaf voor de grote archeologische operatie, zijn Gawronski en de zijnen steeds dieper afgedaald in de stadsgeschiedenis. Zoals verwacht waren de eerste meters niet erg vondstrijk: dat was bouwzand, in 1937 gestort voor de demping van dit deel van het Rokin.

Maar daaronder kwamen al snel de eerste vondsten uit de 19de eeuw te voorschijn, zoals een inktpot en een roombotervaatje van de firma Morssink, Utrechtschestraat 4. Maar ook het kruisje dat ooit hing aan het eind van een rozenkrans, dat best 18de-eeuws zou kunnen zijn. Net als die schattige Chinese theepotjes. Uit deze en diepere lagen werden ook talloze aardewerk-kannen geborgen, vaak nog in prima staat.

Dat er veel huisraad zou worden gevonden, voorspelde Gawronski al, toen we hem vorige maand interviewden (OA, april 2008, pag. 136-140). Langs het Rokin stonden al vroeg woonhuizen en het water was bij uitstek de collectieve afvalbak van de bewoners. Dat het spul zo ongehavend blijkt, is te danken aan het feit dat het Rokin sinds de 13de eeuw beschut áchter de Dam lag, in tegenstelling tot het Damrak, dat rechtstreeks in versbinding stond met de woelige baren van de Zuiderzee.

Veel materiaal

Toch was het Rokin-water niet overal even rustig, merkte Gawronski. “In januari hadden we al een proefopgraving, aan de noordrand van het Rokin. “Daar liep het water vroeger min of meer dood, al was het door een brede tunnelbuis onder de Dam verbonden met het Damrak. Het was er dus vrij ondiep, met bijna stilstaand water. Op die plek troffen we dan ook een geweldige opeenhoping van materiaal. Maar hier aan de zuidkant, zeg maar bij de Grimburgwal, is weliswaar veel uit de 19de en 18de eeuw gevonden, maar veel minder uit vorige eeuwen. Ik denk dat dat komt omdat hier veel meer gebaggerd is. Aan het Rokin waren in de 16de en 17de eeuw de steigers van diverse veerdiensten: het Haagsche Veer, het Rotterdammer Veer, het Schiedammer Veer. Er was dus best nog een druk vaarverkeer.”

Maar al is niet iedere eeuw even sterk vertegenwoordigd, al met al zijn nu al ruim 1000 vuilniszaken vol vondsten naar de geheime ruimte gebracht waar ze worden schoongemaakt, zo nodig gelijmd, genummerd en onderzocht. De bodemmonsters (met pollen, pitten en zaden) gaan naar een gespecialiseerd laboratorium in Zaandam. Dat nadere onderzoek kan nog wel een jaar duren. Intussen is in een etalage in de voorgevel van het Stadsarchief in de Vijzelstraat een kleine selectie van de recente vondsten te bewonderen. Daarvan presenteren we u hier enkele beelden.

Tekst: Peter-Paul de Baar
Mei 2008

Delen:

Buurten:
Centrum
Dossiers:
Archeologie
Editie:
Mei
Jaargang:
2008 60
Rubriek:
Stadsnieuws
Tijdperk:
Vanaf 2000