Een lastig Amsterdams geschenk

Gisteren, 21 september, was het de derde dinsdag van september: Prinsjesdag. Tot 2016 reed het koningspaar die dag rond in de Gouden Koets. Het is de vraag of hij ooit weer gebruikt zal worden. De Gouden Koets is te omstreden geraakt vanwege de koloniale afbeeldingen, en staat nu in een glazen vitrine tentoongesteld in het Amsterdam Museum.

De Gouden Koets werd voor het eerst gebruikt op 7 februari 1901 bij het huwelijk van koningin Wilhelmina en Prins Hendrik. Ter gelegenheid van dit huwelijk bezocht de koningin samen met prins Hendrik het Koninklijk Paleis op de Dam. Op bovenstaande foto is de koets met daarin het paar net te zien. Twee jaar later zou de Gouden Koets haar eerste Prinsjesdag rijden.

De Gouden Koets was een geschenk van de Amsterdamse bevolking aan koningin Wilhelmina. Die wilde echter voor haar inhuldiging geen geschenken aannemen. Het cadeau was bovendien ook toen al nogal politiek beladen. Pas na veel brieven en telegrammen besloot de koningin in 1901 de koets toch te aanvaarden. De Gouden Koets werd gebouwd door de Rijtuigfabriek Spijker aan de Stadhouderskade 114 en zou bij elkaar 120.000,- gulden kosten (omgerekend naar nu bijna 2 miljoen euro). Dat was bij elkaar gebracht door “kleine volksbijdragen van het Amsterdamse werkvolk”.

Meer lezen over de totstandkoming van de Gouden Koets?

Gouden Koets l: Baas Bokkebek

Gouden Koets ll: Spijker bouwt een Rijtuig 

Beeld: Stadsarchief Amsterdam / Guy de Coral & Co (6 maart 1901)

Delen:

Buurten:
Centrum
Dossiers:
Amsterdammers
Editie:
September
Jaargang:
Rubriek:
Verhaal
Tijdperk:
1950-2000 Vanaf 2000