De vaste route van Margrietha Reinders

Margrietha Reinders is predikant. In 1986 kwam ze naar Amsterdam, omdat ze enthousiast werd van de samenwerking tussen een kerk en de krakersbeweging. Nu werkt ze al zes jaar in Betondorp. Als ‘pioniersdominee’ zonder kerkgebouw probeert ze de wereld een beetje mooier te maken.  

De route van Margrietha begint bij Bakkerij De Lekkernij, Brinkstraat 157. Dat is niet voor niets. ‘Bakker Ron is één van de laatste overgebleven middenstanders,’ vertelt ze. ‘Zijn winkel is het hart van de buurt. Heel Betondorp komt hier voor koffie en een praatje.’ Inderdaad is het –op donderdagochtend half 11 – behoorlijk druk in de zaak. Betondorper Lien heeft haar rollator voor de deur geparkeerd en drinkt koffie uit een papieren bekertje. Margrietha wordt hartelijk begroet. Een recent ziekenhuisbezoek, de verbouwing van het Rembrandtplein en de huidige coronasituatie worden kort doorgenomen, en dan pas kan de wandeling beginnen.  

We lopen richting het Brinkhuis, honderd meter verderop. Voor Margrietha – in Betondorp een dominee zonder kerk – vervult het buurthuis een belangrijke functie. In de grote zaal organiseert ze ’s zondags spirituele bijeenkomsten. Geen kerkdienst in de klassieke zin van het woord, maar ontmoetingen die draaien om zingeving, samenkomen en gezelligheid. Zo begon ze het initiatief ‘Licht in Betondorp’: op zondag nodigt ze Betondorpers uit om in het Brinkhuis een kaarsje op te steken voor hen die dat nodig hebben.  

Op het prikbord van het Brinkhuis hangt, tussen een affiche ‘Slow flow 60+, dansen voor ouderen’ en een advertentie voor het gratis lenen van de Betondorper Bakfiets, een briefje met de tekst ‘Knutselen en keuvelen’. Het is Margrietha’s nieuwste project. ‘Ik wil mensen helpen om uit de eenzaamheid te stappen. Tijdens het Knutselen en keuvelen werken we aan kleine karweitjes. We tekenen ansichtkaarten of we maken iets met naald en draad. Elke maand organiseren we een filmavond; afgelopen kerst hebben we met z’n allen Home Alone gekeken.’  

Zingeving 
Vanaf het buurthuis lopen we terug naar de Brink, waar markt gehouden wordt. Op het pleintje staan een vis- en een patatkraam, een bloemenstalletje en een kaaskraam. De markt bestaat pas kort en is opgezet door de Betondorpers zelf. Toen een oproep tot het huren van een standplaats niet tot voldoende aanmeldingen leidde, hebben buurtbewoners zelf marktkooplui benaderd. Om het initiatief te steunen koopt Margrietha hier elke week iets. Vandaag halen we een biologisch vetplantje en een stuk jong belegen.  

Op de Brink kent Margrietha iedereen en iedereen kent Margrietha. Overal waar we stilstaan, wordt ze aangesproken door buurtbewoners. Er wordt geïnformeerd naar kleinkinderen, partners, de kerstdagen, de omzet van de frietkraam. Verlate verjaardagswensen worden uitgewisseld en Margrietha strooit met uitnodigingen voor de komende Knutselen en keuvelen-bijeenkomst. Is het eigenlijk een soort sociaal werk wat ze doet? 

‘Ja, maar dan wel gericht op zingeving. Ik ben een pionier-dominee; één van de weinigen in Amsterdam. Wij bewegen ons buiten de georganiseerde kerk en werken veel samen met de buurt. Een project als Licht in Betondorp brengt saamhorigheid, maar is er ook voor mensen die worstelen met eindigheid en rouw. Mijn doel is het bijeenbrengen van een geloofsgemeenschap die iets bijdraagt aan de buurt.’  

Gereedschapsuitleen de Blauwe Duim 
‘De kerk moet daar zijn, waar spiritualiteit niet vanzelfsprekend is,’ vindt Margrietha. Daarom voelt ze zich thuis in het kerkloze Betondorp, en daarom kwam ze in 1986 naar de Nassaukerk in West. ‘Ik woonde in Groningen, waar ik theologie studeerde. In de krant las ik een artikel over een Amsterdamse kerk die samenwerkte met de krakersbeweging. De krakers werden toen door een groot deel van de samenleving met de nek aangekeken, en dat juist de kerk toenadering zocht vond ik geweldig. Ik wilde meedoen!  

De Nassaukerk nam me aan als stagiair en ik verhuisde van Groningen naar de Staatsliedenbuurt. Die gold toen als een “probleemwijk”. Er was armoede, criminaliteit, verslavingsproblematiek; er waren veel daklozen, weinig groen, en de buurt was verkrot. Gek genoeg voelde ik me daardoor juist op mijn gemak. Ik dacht: Als je als kerk ergens moet zijn is het hier.  

Krakers zijn leuke mensen, die de wereld willen verbeteren. In de verwaarloosde Staatsliedenbuurt hebben ze destijds mooie initiatieven opgezet. Denk aan gereedschapsuitleen de Blauwe Duim of een medische hulppost voor ongedocumenteerden. Ik kwam vaak op zulke plekken en werkte dan met de krakers samen. Overleggen deden we in café De Rioolrat.  

De kraakbeweging heeft ons nog geholpen met het opzetten van een kerkasiel. De regering zette vluchtelingen uit naar Zaïre (nu Congo). Wij hebben toen twaalf uitgeprocedeerde asielzoekers opgevangen in de Nassaukerk. De politie mag nooit een godshuis binnenvallen als daar een dienst gehouden wordt, en dus stond er wekenlang 24 uur per dag iemand op de kansel. De krakers hielpen ons met het houden van de wacht. Het was een geslaagde actie: de meeste Zaïrese vluchtelingen mochten uiteindelijk blijven.’  

Vrouw op de kansel 
Wie Margrietha over de Brink ziet lopen, groetend en praatjes makend, kan zich moeilijk voorstellen dat ze hier ooit een vreemdeling was. Toch duurde het een tijdje voordat ze helemaal was ingeburgerd. ‘Betondorp is een gesloten, in zichzelf gekeerde buurt,’ vertelt ze. ‘Er wonen hier veel oude Amsterdammers, kinderen van arbeiders die in de jaren vijftig vanuit hun verkrotte woninkjes naar Betondorp trokken. De ouders van Johan Cruijff zijn destijds ook vanuit de Jordaan hierheen verhuisd. Zelf kom ik uit Groningen – toch een ander slag volk – en een ras-Amsterdammer zal ik nooit worden. Ik blijf hier altijd een beetje een vreemde eend in de bijt.’  

Toch voelde ze zich meteen thuis, toen ze in 2011 naar Betondorp kwam. ‘Betondorp is gebouwd op socialistische idealen. Nog altijd heerst hier een sfeer van solidariteit, die eigenlijk niet zoveel verschilt van de gereformeerde cultuur waarin ik ben opgegroeid. Mijn opa en mijn vader waren allebei predikant. Mensen helpen en omkijken naar elkaar; dat werd mij van kleins af aan geleerd. In zekere zin ben ik in hun voetsporen getreden.  

Ontdek Ons Amsterdam

Wil jij alles weten over de fascinerende geschiedenis van Amsterdam?

Abonneer je Arrow right Geef cadeau Arrow right

Mijn vader en mijn opa hadden dezelfde missie: ze wilden de wereld beter maken. Dat streven heb ik ook, maar ik doe het op mijn eigen manier. Mijn plekje in de kerk heb ik moeten bevechten. Toen ik begon, in 1986, was de kerk een mannenbolwerk. Als vrouw werd je niet helemaal serieus genomen. In het begin moest ik mezelf regelmatig streng toespreken: “Ik mag me niet laten kleineren. Ik mag niet opgeven, ik laat me niet wegdrukken.” Ik gaf niet op, en uiteindelijk heb ik mijn plek binnen de kerk veroverd. Een vrouw op de kansel is nu veel normaler dan toen.’ 

Eethuis De Avonden 
Als Margrieta alle Betondorpers op de Brink gesproken heeft, vervolgen we onze weg richting het winkeltje van Marcel. Of eigenlijk, richting het verdwenen winkeltje van Marcel. Een half jaar geleden moest het de deuren sluiten, en het pand aan de Brinkstraat staat nu leeg. Volgens Margrietha is het een aderlating voor de buurt.  

‘Marcel verkocht alles, van sokken tot sleutelhangers of een blik bruine bonen. Je kon hier je ov-chipkaart opladen en pakketjes ophalen. Vooral voor de alleenstaande ouderen in Betondorp was de winkel belangrijk. Ze kochten er een reep chocola en maakten een praatje. Nu moeten ze voor hun boodschappen een heel stuk de Middenweg aflopen, vaak schuifelend achter de rollator.’  

Als Margrietha een wens mag doen voor Betondorp, zou het zijn dat de middenstanders terugkeren. ‘Deze buurt heeft behoefte aan levendigheid, aan mensen die geur en kleur brengen. De laatste jaren zijn sociale huurwoningen verkocht aan jonge gezinnen. Misschien dat de komst van deze nieuwe, kapitaalkrachtige Betondorpers leidt tot een opleving van de middenstand. Ik hoop dat een ondernemer met lef hier weer een kruidenierswinkel begint. Of een barretje.’  

Dwarsliggers
Om vanaf Marcels verdwenen winkeltje bij het buurtcafé te komen, hoeven we slechts de straat over te steken. Eethuis de Avonden, hoek Middenweg en Brinkstraat, is vanwege de coronamaatregelen gesloten. Een treurig gezicht, vindt Margrietha. ‘In normale tijden zit het hier bomvol. De Avonden is een echte ouderwetse kroeg waar het Amsterdamse lied nog klinkt. Tegelijkertijd – en ik vind het echt knap hoe de kastelein dat voor elkaar krijgt – is het niet alleen een café voor oude Amsterdammers. Iedereen voelt zich hier welkom.’  

Dat adagium – ‘Iedereen is welkom’ – geldt volgens Margrietha niet alleen voor De Avonden, maar voor heel Amsterdam. ‘Ken je het gezegde: “Amsterdam is een goede moeder, haar hart kent vele woningen?” Dat is wat de stad voor mij betekent. Er wonen hier zoveel verschillende mensen, met verschillende religies, culturen en levenswijzen. Ik vind het prachtig dat dat allemaal naast elkaar kan bestaan. Het is mooi dat je hier af kan wijken van het normaal. Om de wereld een beetje mooier te maken, moet je soms dwarsliggen. Net als de krakers. In Amsterdam is ruimte voor dwarsliggers, en daarom houd ik van Amsterdam.’  

Delen:

Buurten:
Oost
Dossiers:
Amsterdammers Religie
Editie:
April
Jaargang:
Rubriek:
Vaste route
Tijdperk:
Vanaf 2000