De stadsredders

De prachtige stadsgezichten van schilderes Renée Stotijn – vorige maand prijkte er één op de voorpagina van dit blad – deden me weer beseffen dat het leven als een raket aan je voorbijgaat. Haar dochters Zaphira en Esmee beschreven in hun artikel hoe ze na het sterven van hun moeder in kastjes en dubbele plafonds vele honderden unieke tekeningen, portretten en stillevens van haar ontdekten. Ik bekeek de foto van hun moeder, zittend naast hun vader, de violist Dick Bor. 

Mijn geheugen ontwaakte: natuurlijk, hun elegante moeder behoorde tot het anarchistische leger van stadsredders. Mannen en vrouwen die in de jaren zeventig – toen monumentenzorg nog slecht geregeld was – vasthoudend actievoerden om de sloop van historische stadsvilla’s, zwembaden, kerken en bruggen te voorkomen. Sommigen werkten met elkaar samen, anderen deden het slim en eigengereid in hun eentje.

Pionier was beeldend kunstenaar Geurt Brinkgreve; hij was niet alleen redder van de stad, maar met zijn Stichting Diogenes ook restauratieondernemer. De kranige, voormalige verzetsvrouw Mea Blazer en stedenbouwkundige Maarten Lubbers voorkwamen de sloop van Paradiso en het kantongerecht. Schilderes Dorien van der Waerden richtte een stichting op ter behoud van het Zuiderbad. De acties waren succesvol. Het blijft een schandaal dat het Heiligewegbad moest wijken voor de afzichtelijke Kalvertoren.

Renée Stotijn overleed vorig jaar, op 80-jarige leeftijd. Een halve eeuw geleden moet het zijn geweest dat zij een onuitwisbare indruk op me maakte. De stad was voor een dertienjarig jochie een oase vol verrassingen. Stotijn verzette zich tegen de sloop van de grote Sint-Willebrorduskerk buiten de Veste, op de hoek van de Amsteldijk en de Ceintuurbaan. Een fascinerend godsgebouw, waar architect Pierre Cuypers getoverd had met ruimte, massa, schaal, licht en donker. De toevoeging ‘buiten de Veste’ was destijds om duidelijk te maken dat het hier niet om de Willibrordus binnen de Veste ging, de rooms-katholieke kerk de Duif aan de Prinsengracht. 

Het Parool schreef over de acties van Stotijn. Mijn Weense grootvader knipte het artikel uit en nam me mee met tramlijn 3 om te kijken. Het moet aan de vooravond van de sloop zijn geweest. Ik herinner me zijn verbijstering: “Dit is een drama.” We liepen om het indrukwekkende kerkgebouw heen. In de tram terug naar zijn huis in de Achillesstraat zei hij dat hij er niets van begreep: “Je gaat een kathedraal aan de Amstel toch niet slopen.” 

De nu aangevreten plek waar de Sint-Willibrordus buiten de Veste stond, roept kiespijn op. Altijd als ik aan het eind van de Ceintuurbaan richting Oost het afschuwelijke, plaatsvervangende gebouw Tabitha op de fiets passeer, mompel ik in de geest van mijn grootvader: “Dit is één groot misverstand.”  

 

Felix Rottenberg

Mei 2021

Delen:

Dossiers:
Families Kunst en Cultuur
Editie:
Mei
Jaargang:
Rubriek:
Column
Tijdperk:
1950-2000 Vanaf 2000