De overlevende. De Perenboom

Hetty de Roode groeide op in de Watergraafsmeer. Als enige van haar Joodse familie overleefde ze de Duitse bezetting. De perenboom in de achtertuin staat er nog altijd. Om de zoveel jaar komt ze kijken.

De prachtige perenboom in onze achtertuin staat vol in bloei, zoals elk jaar rond deze tijd. Voor een voormalige bewoonster van ons huis heeft deze perenboom een bijzondere betekenis. De man die ons het huis drie jaar geleden overdeed, vertelde dat er ooit een oude dame langs gekomen was die graag het huis en de perenboom wilde zien. Ze had er vroeger gewoond; hij had haar uitgenodigd binnen te komen. Ze best zou weer eens keer op de stoep zou kunnen staan, zei hij.

Een halfjaar na de verhuizing werden wij benaderd door Anita, de dochter van deze oude dame. De perenboom symboliseerde voor haar moeder, Hetty de Roode, iets heel belangrijks, vertelde zij: een laatste verbinding met haar ouders, broers en zus. Anita wilde daarom een foto van de hele familie maken, bij de perenboom. Als speciaal cadeau voor haar 85-jarige moeder. Op een zaterdagmiddag in het najaar kwamen zij langs.

Enige tijd later nam haar moeder contact met ons op. Ze was enorm blij met het fotocadeau en vroeg of ze de perenboom – en het huis – nog eens met eigen ogen kon komen zien. Hetty en haar man Rense kwamen langs. We dronken een kop koffie aan tafel, en zij deed haar verhaal. We hadden er eerder wel eens flarden van opgevangen. Zo wisten we bijvoorbeeld dat in de jaren dertig en begin veertig een Joods gezin een gelukkig leven had geleid in het huis waar wij nu woonden.

Verraad

Hetty vertelde dat zij de enige overlevende was van dit gezin, dat naast haar had bestaan uit haar ouders, zus en vier broers. Ze had kopieën van oude foto’s van het gezin, in en om het huis, vooral in de achtertuin, met de toen nog kleine perenboom in het midden van de tuin. Aan het begin van de oorlog was Hetty acht jaar oud. Twee broers en een zus moesten zich al vrij snel melden en kwamen in Westerbork terecht. De oudste broer was al eerder naar een werkkamp in Groningen gestuurd. Hetty heeft nooit meer van ze gehoord.

Haar ouders, jongste broer en zijzelf doken onder. Op een gegeven moment zou de jongste broer verkassen naar een onderduikadres in Friesland. Maar omdat ze daar liever een meisje wilden, is Hetty naar Friesland gegaan. Daarna ging er iets mis: haar ouders en broertje werden verraden. Hetty kwam na wat omzwervingen terecht bij een kinderloos echtpaar, waar zij bleef tot na de oorlog en oud genoeg was om op eigen benen te staan.

Aarzelend, voorzichtig en ook angstig zocht zij positief nieuws over haar ouders, zus en broers. Al gauw kwam ze erachter dat er geen positief nieuws was, dat ze allemaal waren vermoord in Auschwitz. Enige tijd durfde ze en wilde ze niet terug naar Amsterdam, bijvoorbeeld om naar het huis te kijken – ze wist dat er hoe dan ook andere mensen in verbleven. Op een gegeven moment reisde ze toch vanuit het oosten van Nederland, waar zij woonde, naar Amsterdam. Ze kwam aan bij het huis in de Watergraafsmeer, drukte op de bel, vroeg of ze binnen mocht komen en vertelde wat haar bij het huis bracht.

Herinneringen

Ze deed dit om de zoveel jaar en werd meestal vriendelijk verwelkomd. Het was altijd heel belangrijk voor haar geweest, legde zij ons uit, te weten wie er in het huis woonde en of de perenboom er nog steeds stond. We liepen rond in het huis, dat door de jaren heen verschillende verbouwingen had ondergaan. Hetty sprak over de vroegere indeling en wie waar sliep. “Ja, dit was de kamer van mijn broers. En dan was er hier een klein raampje in de muur, waardoor je van de ene kamer in de andere kon kijken.”
Ze liep met een enthousiasme door de kamers alsof we tachtig jaar terug in de tijd waren. “En dit was de kamer en suite. Alles was zoveel kleiner, lijkt het wel. En, o ja, hier was natuurlijk de keuken. En daarachter was het terrasbalkon waar we dan op zaten, op die lange bank. Zie je? Zoals op die foto’s hier. Het ziet er zo anders uit. Ja, we hielden echt van dit huis. Met die prachtige perenboom.” Bij de boom kwam er nog een herinnering boven aan de koninginnendagen van weleer. “Die was toen op 31 augustus, de verjaardag van koningin Wilhelmina. Ik zie nog zo voor me hoe de grote jongens serpentines in de boom gooiden ter versiering.”

We waren er een paar dagen stil van, na haar bezoek. Haar verhaal inspireerde. Haar dankbaarheid, haar grootsheid, haar liefde voor het leven, voor het huis en voor de bijzondere perenboom. Het was hartverwarmend.

GIJS POTHOF WOONT IN DE WATERGRAAFSMEER; ZIE OOK: WWW.VRIENDENVANWATERGRAAFSMEER/DE-PERENBOOM.

Tekst: Gijs Pothof, mei 2021. 

Beeld header: Archief Hetty de Roode. 

 

Delen:

Buurten:
Oost
Dossiers:
Amsterdammers Families
Editie:
Mei
Jaargang:
Tijdperk:
1900-1950
Rubriek:
Verhaal