De Oranje-Ronde

Sporen van Oranje in Amsterdam

Ter gelegenheid van het aanstaande huwelijk van kroonprins Willem-Alexander met Máxima Zorreguieta volgt Ons Amsterdam de sporen van de familie Van Oranje in Amsterdam, van 1565 (toen stamvader Willem van Oranje hier logeerde) tot vandaag.

Amsterdam is zeker niet de Oranjestad bij uitstek. In Den Haag voelden de stadhouders en koningen zich beter thuis. Maar omdat Amsterdam op economisch en cultureel terrein de belangrijkste stad was van de Nederlanden, en later formeel de hoofdstad, konden de Oranjes toch niet om de dwarse Amstelstad heen. Ook hier zijn dus talloze plekken te vinden die direct of indirect met dit vorstengeslacht te maken hebben.

De Oranje-adressen liggen gespreid over de hele stad, dus kunt u, om er flink wat te bekijken, het beste de fiets nemen. Lopen kan ook, natuurlijk, maar dan moet u wel een goede wandelaar zijn of de route in etappes afleggen. De tocht begint op het Stationsplein.

1. Koninklijke Wachtkamer

In het Centraal Station (geopend in 1889) is in de oostvleugel de Koninklijke Wachtkamer te vinden. Gewone burgers mogen daar in principe niet in, behalve tijdens Open Monumentendagen. De koningin komt er trouwens ook bijna nooit: de laatste keer was bij het bezoek van het Noorse koningspaar in april 1996. De wachtkamer is zo gebouwd dat de hoge gasten met koets en al kunnen binnenrijden. Een royale trap leidt naar de eigenlijke wachtruimte, met door architect Cuypers zelf ontworpen troontjes. Een hoog smeedijzeren hek scheidt de wachtkamer van perron 2B.

>Via de Kamperbrug naar de Prins Hendrikkade. Daar linksaf tot bij het Scheepvaarthuis (nummer 108-119), nu het GVB-hoofdkantoor.

2. Prins Hendrikkade

Aan de waterkant schuin tegenover het Scheepvaarthuis (gebouwd in 1913 voor zes Amsterdamse rederijen) staat het borstbeeld van de zwaar besnorde prins Hendrik ‘de Zeevaarder’, naar wie deze kade in 1879 werd vernoemd. Déze Hendrik (1820-1879) was niet de man van koningin Wilhelmina, maar een broer van koning Willem III. Prins Hendrik, die zelf bij de marine had gediend, zette zich erg in voor de belangen van de zeevaart. Zijn borstbeeld, gemaakt door Frans Stracké, werd in 1885 onthuld aan de kade tussen de Martelaarsgracht en het Damrak. In 1979 werd het naar de huidige plek verplaatst.

>Terug richting CS; meteen na de Schreierstoren linksaf de Oudezijds Kolk in; rechtdoor via de Sint Olofssteeg naar de Oudezijds Voorburgwal, tot nummer 14.

3. Goodwillburgh

In 1948 vestigde het Leger des Heils in dit prachtige vroeg-17de-eeuwse pand een opvangcentrum, de Goodwillburgh. Drijvende kracht was heilsoldate (later majoor) Alida Bosshardt. Op 28 april 1965 maakte kroonprinses Beatrix, die het rauwe leven van Amsterdam wilde leren kennen, op eigen verzoek met majoor Bosshardt een kroegentocht over de Wallen en in de omgeving van het Spui, samen De Strijdkreet verkopend. In de Goodwillburgh zette de prinses een pruik en een donkere bril op, en bond een sjaaltje om haar hoofd om zo door te gaan voor een stagiaire van het Leger. In café Hoppe op het Spui werd zij niettemin herkend door Telegraaf-fotograaf Peter Zonneveld, die op het Singel een geruchtmakende foto van haar maakte. Die deed de populariteit van Beatrix en Bosshardt bepaald geen kwaad.

>Na Oudezijds Voorburgwal 60 rechtsaf langs het smalste stuk van het Oudekerksplein (met op nummer 6-14 Kinderdagverblijf Prinses Juliana!) en via de Wijde Kerksteeg en de Papenbrugsteeg naar het Beursplein.

4. Beurs van Berlage

Op 27 mei 1903 opende de bijna 23-jarige koningin Wilhelmina op het Beursplein de nieuwe Koopmansbeurs. Deze nam de functie over van de afgebroken Beurs van Zocher, die stond waar in 1914 warenhuis De Bijenkorf openging. Architect van de nieuwe beurs was H.P. Berlage, die met dit gebouw beroemd werd. Alle beursactiviteiten zijn tegenwoordig geconcentreerd in de voormalige Effectenbeurs, Beursplein 5. De Beurs van Berlage is sinds ruim tien jaar een centrum voor exposities, concerten, boekenbeurzen, manifestaties en andere sociaal-culturele activiteiten. En op 2 februari wordt hier het burgerlijk huwelijk van Willem-Alexander en Máxima gesloten.

>Door de Sint Annenstraat terug naar de Warmoesstraat en daar rechtsaf tot nummer 139.

5. De Kleine Club

Warmoesstraat 139 (nu galerie W139) stond rond 1915 bekend als het Palais de Danse (zie ons oktobernummer), later heette het La Bonbonnière en in de jaren dertig werd het De Kleine Club, die tot vier uur ’s nachts open was, met veel whiskey-soda, foxtrots en animeermeisjes. Naar verluidt was prins Hendrik, de gefrustreerde maar joviale echtgenoot van koningin Wilhelmina, hier in de kleine uurtjes een graag geziene gast. De koningin moest regelmatig bijspringen om de schulden van haar echtgenoot te saneren.

>Iets verder zuidwaarts vinden we Warmoesstraat 147, nu in gebruik bij het (altijd orangistische) Amsterdamsch Studenten Corps.

6. Willem de Zwijger

Warmoesstraat 147 is Amsterdams oudste Oranje-plek. De Vader des Vaderlands Willem van Oranje (1534-1584) logeerde hier namelijk van 15 december 1566 tot 18 januari 1567 ‘op stadsrekening’ ten huize van ene Dirc Scaep. Hij kwam, kort na de beruchte Beeldenstorm in de zomer van dat jaar, bemiddelen tussen de plaatselijke calvinisten en het stadsbestuur, over het gedogen van de protestantse predikingen. Het compromis werd dat ze in de stad vier pakhuizen mochten gebruiken als schuilkerk, tot ze buiten de stadsmuren een echt kerkje gebouwd zouden hebben. Willem was eigenlijk een rebellenleider tegen wil en dank. Tot het echt niet meer ging zocht hij compromissen tussen zijn protestantse achterban, de nog katholieke stadsbesturen en landvoogdes Margaretha van Parma, de regionale vertegenwoordigster van de Spaanse koning Filips II. Willem was een charmante causeur, maar kreeg de bijnaam ‘swygende Willem’ omdat hij nooit het achterste van zijn tong liet zien.

>Rechtdoor naar de Dam. Hier zijn twee belangrijke Oranje-plekken.

7. Paleis

Het huidige koninklijk paleis, ontworpen door Jacob van Campen, werd in 1665 ingewijd als stadhuis van Amsterdam. Het verving het in 1652 afgebrande middeleeuwse stadhuis. In 1808 claimde de door de Franse bezetter geparachuteerde koning Lodewijk Napoleon het stadhuis als paleis. In 1814 bood Amsterdam het gebouw aan koning Willem I aan als ‘tijdelijk’ onderkomen; de stad hield voortaan kantoor in het Prinsenhof op de Oudezijds Voorburgwal. Die tijdelijkheid viel nogal tegen. In 1933 werd het voormalige stadhuis definitief als stadhuis aan het rijk verpatst.

Het Nederlandse koningshuis maakt nog maar spaarzaam van het paleis gebruik: tegenwoordig vooral tijdens staatsbezoeken, nieuwjaarsrecepties, prijsuitreikingen en de ontvangst van buitenlandse diplomaten. Op het bordes (in vroeger eeuwen gebruikt voor wrede executies) vonden heel wat feestelijke scènes plaats: de toejuiching van Wilhelmina na haar inhuldiging in 1898, de publieke aankondiging van de regeringsoverdracht van Wilhelmina aan Juliana en de roerige balkonscène na de inhuldiging van Beatrix.

8. Nieuwe Kerk

Op 30 maart 1814 werd Willem Frederik van Oranje, zoon van de laatste stadhouder Willem V, in de Nieuwe Kerk ingehuldigd als ‘soeverein vorst’ der Nederlanden. Pas een jaar later (na de inlijving van België) kreeg hij de titel ‘koning’. In de grondwet kwam te staan dat Amsterdam de hoofdstad des lands was en dat alle toekomstige vorsten hier moesten worden ingehuldigd. En zo geschiedde. Op 11 mei 1957 werd de kerk wegens bouwvalligheid gesloten. Op 17 april 1980 werd het grondig gerestaureerde gebouw heropend door prinses Beatrix, die er zeventien dagen later de koningsmantel kreeg omgehangen. De kerk is nu een ontmoetings- en tentoonstellingsruimte, beheerd door stichting De Nieuwe Kerk. Op 2 februari wordt hier het kerkelijk huwelijk van het kroonprinselijk paar gesloten. Tot en met 20 januari is hier nog de tentoonstelling ‘Ja, ik wil’ te zien.

>De Dam oversteken naar de Damstraat; na zo’n 100 meter rechtsaf de Oudezijds Voorburgwal op.

9. Prinsenhof

Aan de overkant (nummer 197-213) staat hotel The Grand, eeuwenlang bekend als het Prinsenhof. Het werd gebouwd als nonnenklooster, gewijd aan Sint Cecilia. Na de protestantse machtsovername in de stad in 1578 werd het complex ingericht als verblijfplaats voor vorstelijke personen. Hier logeerden onder meer Willem van Oranje (1581), Maurits (1594 en 1618) en Frederik Hendrik (1628). Kroonprinses Beatrix en de Duitse diplomaat Claus von Amsberg werden hier op 10 maart 1966 door burgemeester Gijs van Hall voor de wet in de echt verbonden.

>Door de Sint Barberenstraat en de Kalfsvelsteeg naar het Rokin; daar linksaf tot de brug tegenover het Spui.

10. Koninklijke amazone

Bij de brug naar de Grimburgwal staat sinds 1972 een door Theresa van der Pant gemaakt beeld van de jonge koningin Wilhelmina te paard. Paardrijden was een van Wilhelmina’s liefhebberijen, een passie die haar kleindochter van haar overnam.

>Linksaf via de Langebrugsteeg de Grimburgwal op.

11. Herenlogement

Aan de overkant van de Grimburgwal zien we een 19de-eeuws complex, gebouwd voor het Binnengasthuis en nu in gebruik bij Crea, de culturele organisatie van de Universiteit van Amsterdam. Hier stond van 1647 tot 1876 het Oudezijds Herenlogement, waar deftige gasten onderdak kregen nadat het Prinsenhof door de Admiraliteit in beslag was genomen. In de nacht van 9 op 10 september 1748 drongen opstandige burgers hier door tot de slaapkamer van de slome stadhouder Willem V, om een democratischer stadsbestuur te eisen. De geïrriteerde stadhouder deed wat vage beloften, die hij later weer introk.

>De Grimburgwal af tot de Oudezijds Voorburgwal; door de Oudemanhuispoort naar de Kloveniersburgwal en rechtsaf naar de Nieuwe Doelenstraat; die ingaan tot nummer 16.

12. De wieg van Juliana

Nieuwe Doelenstraat 16 (nu Universiteitstheater) was lange tijd het adres van kunsthandel Frederik Muller. In maart 1909 konden de Amsterdammers zich hier vergapen aan de wieg die ‘de Amsterdamsche vrouwen en meisjes’ hadden aangeboden aan de twee maanden eerder geboren prinses Juliana. Of de prinses er ooit in gelegen heeft, is niet bekend.

>Via de Munt en de Reguliersbreestraat door naar het Rembrandtplein. Op de hoek van de Bakkersstraat (nummer 17-23) staat café De Kroon.

13. De Kroon

Dit weelderige etablissement, ontworpen door Gerrit van Arkel, kreeg zijn naam omdat het openging in september 1898, toen koningin Wilhelmina werd ingehuldigd. De eigenaar van het pand, Maup Caransa, sloot De Kroon in 1966, maar in 1990 werd onder de oude naam op éénhoog een nieuw café geopend.

>Rechtdoor de Amstelstraat in tot de brug.

14. Blauwbrug

Op woensdag 30 april 1980 werd Beatrix ingehuldigd als nieuwe koningin. Onder de leus “Geen woning, geen kroning” demonstreerden die dag boze krakers tegen het dure oranjespektakel; dat geld kon beter worden gespendeerd aan woningbouw! Ook andere Amsterdammers raakten geagiteerd en wel door de overkill aan politievertoon in de stad. Een demonstratie die vanaf het beeld van De Dokwerker naar de Dam wilde trekken, stuitte op de Blauwbrug op een politiecordon. Resultaat was een kolossale matpartij, waarbij politieruiter Jimmy Nijman zelfs van zijn paard duikelde. Demonstranten hielpen hem sportief weer in het zadel. Terwijl hij wegreed, riepen de toeschouwers goedmoedig spottend: “Ivanhoe!”

>De brug over, rechtdoor tot het metro-station.

15. De Leeuw van Waterloo

Op het Waterlooplein, zo’n tien meter links van de huidige Binnenstraat van de ‘Stopera’, stond een dikke eeuw geleden café De Leeuw van Waterloo. Die naam verwees naar koning Willem II, die als kroonprins in 1813 een verdienstelijke bijrol speelde in de slag bij Waterloo tegen de Franse keizer Napoleon. Anno 1887 werd het bierhuis gedreven door de socialist P.J. Penning. Zijn etablissement werd het doelwit van een heuse Oranjefurie.

Koning Willem III werd in februari 1887 70 jaar en dat moest gevierd worden. De echte festiviteiten werden naar april verplaatst, met het oog op het weer, maar de fanatieke Oranjeklanten wilden daar niet op wachten. Zij vierden eind februari de koninklijke verjaardag alvast met kleine veldtochten tegen de grote vijand, de opkomende socialistische beweging, die (omdat de overheid nog niets deed aan de sociale ellende) weinig op had met het geldverslindende koningshuis. Nadat ze in de Jordaan bij enkele rode voorlieden de ruiten hadden ingegooid, trokken op dinsdag 22 februari 3000 ‘oranjeklanten’ uit de Jordaan via de Dam en de Hoogstraten naar het Waterlooplein. Zestig zenuwachtige socialisten hadden zich in het al eerder bedreigde café van Penning verschanst. Zij waren geen partij voor hun belagers. Die sloegen de bierpomp, glazen, lampen, stoelen, tafels en buffetspiegel kort en klein. In hun kielzog stormde de politie binnen, die de aanvallers hun gang lieten gaan, maar de bebloede socialisten nog eens extra beknuppelde en een nacht insloot in bureau Jonas Daniël Meijerplein, wegens verstoring der openbare orde.

>Schuin rechtsaf naar het Jonas Daniël Meijerplein.

16. Jonas Daniël Meijerplein

Dit plein wordt gedomineerd door twee grote synagoge-complexen, in de 17de eeuw gebouwd voor respectievelijk de ‘Portugese’en ‘Hoogduitse’ joden van Amsterdam. Het eerste is nog steeds als synagoge in gebruik, het andere is nu het Joods Historisch Museum.

De Amsterdamse joden hadden vanouds een warme band met het Oranjehuis, die dateerde uit de 17de eeuw, toen joodse financiers de stadhouders ruimhartig kapitaal leenden. Ook na 1813 bezochten de Oranjes (nu koning) vele malen deze synagogen, maar ook andere joodse instellingen in de buurt. Vooral in 1938 werd het koninklijk bezoek zeer gewaardeerd: men zag het als een demonstratie tegen het anti-semitisme in Duitsland – ook al had Hitler de status van ‘bevriend staatshoofd’.

>Door de Muiderstraat en de Plantage Middenlaan naar Artis.

17. Artis

Een bezoek aan Artis was een vast onderdeel van de koninklijke najaarsbezoeken aan Amsterdam. Er werd wel gespot dat de steenrijke Oranjes juist in september kwamen, omdat Artis in die maand traditioneel een verlaagde entreeprijs vroeg.

>Via de Plantage Middenlaan naar de Muiderpoort. Daarachter ligt het Alexanderplein.

18. Alexanderplein

Dit plein is vernoemd naar de tragische prins Alexander (1851-1884), de jongste zoon van koning Willem III. Nadat zijn broer Willem (‘Wiwil’) al in 1879 was gestorven, dreigde de uiterst labiele zonderling Alexander op de troon te komen. De regering was dan ook opgelucht toen hij in 1884 in Den Haag overleed, vier jaar na de geboorte van zijn halfzusje Wilhelmina.

>Excursie (eventueel over te slaan): de brug over naar het Tropenmuseum, rechtsaf de Linnaeusstraat in tot het stadsdeelkantoor Oost/Watergraafsmeer (links; nummer 89).

19. Burgerziekenhuis

Dit stadsdeelkantoor was tot 1991 het Burgerziekenhuis, geopend in 1891. Op 29 november 1937 werd prins Bernhard, een jaar eerder getrouwd met kroonprinses Juliana, hier opgenomen nadat hij bij Diemen in zijn Ford Cabriolet met 160 km per uur was ingereden op een zandauto. De chauffeur daarvan werd gedwongen de schuld op zich te nemen en kreeg geen schadevergoeding. (Bernhard zou later overigens nog nog vele malen bij auto-ongelukken betrokken raken.) De prins liep een zware hersenschudding, schedelbasisfractuur, gezichtswonden en een paar gebroken ribben op. De hoogzwangere Juliana en koningin Wilhelmina namen onmiddellijk hun intrek in het ziekenhuis; een dikke maand werd van hieruit Nederland geregeerd. Na de kerst mocht de prins weer naar huis.

>Terug naar de Muiderpoort. Linksaf via de Sarphatistraat, rechtsaf de Roetersstraat in en weer linksaf de Nieuwe Achtergracht op naar het Weesperplein.

20. Joodsche Invalide

Het huidige hoofdgebouw van GG&GD werd in 1937 in hypermoderne stijl ontworpen door architect J.F. Staal voor de Joodsche Invalide, een van de eerste revalidatiecentra. De nieuwbouw verving een kleiner hospitaal uit 1925. Daar bracht koningin Emma op 7 juli 1927 een bezoek.

>Het Weesperplein oversteken en door de Sarphatistraat naar het Frederiksplein.

21. Frederiksplein

Dit plein is vernoemd naar prins Frederik (1797-1881), de jongere broer van koning Willem II. Hij gaf veel steun aan de filantropische arts en projectontwikkelaar Samuel Sarphati, de initiator van het Amstelhotel én van het gebouw dat dit plein tot een fatale brand in 1929 domineerde: het Paleis voor Volksvlijt. In september sloeg koning Willem III de eerste paal, prins Frederik mocht op 16 augustus 1864 de opening verrichten.

>Linksaf over het Oosteinde naar de Stadhouderskade (in 1872 vernoemd naar de stadhouders Willem II en III), deze volgen tot het Rijksmuseum.

22. Rijksmuseum

Naar verluidt wilde de norse koning Willem III in 1885 het nieuwe museumgebouw (ontworpen door P.J.H. Cuypers) niet zelf openen, omdat het van de regering niet Koninklijk Museum mocht heten. En bovendien leek het volgens de protestantse vorst te veel op een katholieke kathedraal.

In dit museum wordt onder meer het ‘stokske van Oldenbarnevelt’ getoond: de wandelstok waarop de politieke leider van de Nederlanden steunde, toen hij in mei 1619 in Den Haag het schavot besteeg. Stadhouder Maurits had hem ter dood laten veroordelen, omdat Johan van Oldenbarnevelt Maurits’ oorlogszuchtige lijn niet steunde. Eigenlijk heeft het museum zelfs drie stokjes van Oldenbarnevelt: welke het echte is, durft niemand te zeggen...

>Onder het museum door naar het Museumplein.

23. Museumterrein

De naam Museumplein dateert van 1903. Tot die tijd werd het aangeduid als Museumterrein. De Vereeniging tot Veredeling van het Volksvermaak organiseerde hier vanaf 1885 op 31 augustus, de verjaardag van Wilhelmina, grootse kinderfeesten, die geleidelijk uitgroeiden tot festiviteiten voor alle Amsterdammers, met optredens van goochelaars, acrobaten en degenslikkers, zakloop- en wielerwedstrijden en het opstijgen van heteluchtballonnen. Deze Prinsessedag was het begin van onze Koninginnedagtraditie.

>Rechtsaf langs het Concertgebouw de Van Baerlestraat in, die verderop Eerste Constantijn Huygensstraat heet. Onder die straat door loopt het Vondelpark.

24. Vondelpark

In dit park werd in de peuterjaren van prinses Juliana (geboren in 1909) tijdens de voorjaars- en najaarsbezoeken van het koninklijk gezin aan Amsterdam een speciaal weitje afgezet, waar zij onder de hoede van hofdames werd ‘gelucht’.

>Rechtdoor tot de Eerste Helmersstraat en daar linksaf tot de Anna Sprenglerstraat die toegang geeft tot het WG-terrein. In de gevel van het oude Paviljoen 2 is op borsthoogte een gedenksteen te zien.

25. Wilhelmina Gasthuis

Op 28 mei 1891 legde de elfjarige prinses Wihelmina de eerste steen voor dit nieuwe stadsziekenhuis, opvolger van het Buitengasthuis. Vijfduizend schoolkinderen zongen vaderlandse liederen maar een stralende dag was het niet, leert een krantenbericht: “Op het plechtig oogenblik der steenlegging rolt een gewelddige donderslag boven de stad. De regen is verschrikkelijk.”

>Terug naar de Eerste Helmersstraat en daar linksaf, richting centrum, tot de Alberdingk Thijmstraat. Die linksaf in tot de Bosboom Toussaintstraat en daar rechtsaf.

26. Greet Hofmans

In deze straat hield kort na de Tweede Wereldoorlog de gebedsgenezeres Greet Hofmans praktijk. In 1948 werd zij door koningin Juliana te hulp geroepen voor de genezing van de bijna-blindheid van de pasgeboren prinses Marijke (later Christina). Sindsdien was Hofmans kind aan huis in de paleizen Soestdijk en Het Loo. Tijdens de Koude Oorlog vielen haar pacifistische ideeën (die Juliana zeer aanspraken) echter bar slecht bij prins Bernhard, die veel vrienden had in NAVO-kringen. In 1956 moest Hofmans het hof verlaten.

>Rechtdoor over de Koekjesbrug en via de Nieuwe Passeerdersstraat naar de Marnixstraat en het water over naar de Lijnbaansgracht. Linksaf tot de Elandsgracht; die rechtsaf op en linksaf de Hazenstraat in; rechtdoor tot de Laurierstraat.

27. Café Rooie Nelis

In dit echte Jordaancafé, geopend in 1937, kunnen de Oranjes helemaal niet meer stuk sinds prinses Beatrix er omstreeks 1975 een onverwacht informeel bezoek bracht. Weer was een Telegraaf-fotograaf alert en kiekte haar terwijl zij de kroeg verliet. In 1989 werden kroegbazin Rooie Sien en haar dochter Blonde Sien verheven tot ridder in de Orde van Oranje Nassau: de kennisgeving hangt aan de muur van het café.

>Rechtdoor naar de Rozengracht; daar rechtsaf tot de Westermarkt.

28. Westerkerk

Op 10 maart 1966 sloot dominee Kater hier het kerkelijk huwelijk tussen prinses Beatrix en de Duitse diplomaat Claus van Amsberg. Dat zij uitgerekend een Duitser als man koos, werd Beatrix 21 jaar na de oorlog door velen nog zeer kwalijk genomen. De Provo-beweging dreigde met acties en de politie was op alles voorbereid; ook het gerucht dat de provo’s LSD aan het drinkwater zouden toevoegen werd serieus genomen. Dat viel mee: de actiemiddelen beperkten zich tot twee rookbommen en één fladderende witte kip in de Raadhuisstraat bij het passeren van de Gouden Koets. Die werden niettemin wereldnieuws.

De keuze van de Westerkerk kwam vooral voort uit het feit dat de Nieuwe en de Oude Kerk in restauratie waren. Op 14 juni inspecteerden Willem-Alexander en Máxima zowel de Westerkerk als de Nieuwe Kerk en kozen voor de kerk waar de Oranjes waren ingehuldigd.

>Over de Prinsengracht tot de Prinsenstraat; linksaf de brug over naar de Anjeliersstraat. Daar meteen rechtsaf voor de Violettenstraat enzovoorts naar de Willemsstraat; daar rechtsaf tot nummer 100.

29. Willemsstraat

De Willemsstraat was eind 19de eeuw de meest oranjegezinde straat van Nederland. Ooit was dit de groezelige Goudsbloemgracht; de bewoners waren ervan overtuigd dat de demping in 1858 aan koning Willem III persoonlijk te danken was. Als de koning (en later de koninginnen) tijdens hun jaarlijkse rijtoer door de Jordaan kwamen, spanden de Willemsstraters de paarden uit en trokken de koets zelf.

Links naast nummer 100 bevond zich een eeuw geleden een gang die leidde naar een achter de huizenrij gelegen zaaltje, met huisnummer 110. Daar vergaderden de Willemsstraters in 1898 over een passend cadeau voor de nieuwe koningin Wilhelmina. Dat kon niet minder zijn dan een Gouden Koets! Het gemeentebestuur nam het idee over en gaf de rijtuigfabriek van de Gebroeders Spijker opdracht de koets te bouwen. In september werd die aan de jonge vorstin aangeboden en in 1901 werd de koets voor het eerst gebruikt, bij het huwelijk in Den Haag van Wilhelmina met prins Hendrik.

>Rechtsaf de straat uit en de brug over naar de Binnen Oranjestraat, die leidt naar de Haarlemmerdijk. Linksaf naar het Haarlemmerplein.

30. Willemspoort

De Haarlemmerpoort heet sinds 27 november 1840 officieel Willemspoort. De classicistische poort, die een oudere Haarlemmerpoort verving, werd toen feestelijk ingewijd door de kersverse koning Willem II. Door de oude Haarlemmer was in november 1813 Willem Frederik van Oranje feestelijk de stad binnengehaald, de zoon van de laatste stadhouder. Hij mocht zich sinds 1814 Willem I noemen.

>Onder het spoor door via de Planciusstraat en de Zoutkeetsgracht naar de Zandhoek.

31. Het Oranjevrouwtje

Wat oranjeliefde betreft deden de bewoners van de Zandhoek nauwelijks onder voor de Willemsstraters. Aan de waterkant tegenover Zandhoek 7 was in Wilhelmina’s geboortejaar 1880 een ‘Oranjeboom’ geplant, die bij koninklijke bezoeken met allerlei vlaggen en linten werd versierd. Daarvoor zorgde Vrouw Vork, die een snoepkeldertje had in Zandhoek 5. Zij stond bekend als het Oranjevrouwtje.

>Door de Grote Bickersstraten en door de Oranjestraten naar de Brouwersgracht. Linksaf terug naar het Centraal Station.

Delen: