De mooiste muziek is die van de dobber

Journalist Kick Geudeker schreef over rechtszaken, sport en over vissen. In alles liet hij zich leiden door een sterk gevoel voor rechtvaardigheid. 

‘Twee onschuldigen vier jaar in de gevangenis’, luidde de kop boven een verhaal in Het Volk op dinsdag 9 april 1929. Het was een van de grootste primeurs in de Nederlandse journalistiek. De zaak is wel ‘de zwarte bladzijde uit de geschiedenis van het Nederlandse moordonderzoek’ genoemd. Schrijver van het stuk was Kick Geudeker, een groentje nog. Eigenlijk was hij sportredacteur, maar omdat hoofdredacteur Johan Frederik Ankersmit een jaarwedde van 3000 gulden te veel vond ‘voor zoiets onbenulligs als sportnieuws’ moest hij er wat bij doen.  

Dat heeft hij gedaan. Geudeker was onderzoeksjournalist avant la lettre, auteur van een bestseller over hengelsport, in de Tweede Wereldoorlog actief in het verzet tegen de Duitse bezetter, daarna hoofdredacteur van Sport en Sportwereld en initiatiefnemer van de aanleg van de Jaap Edenbaan, die zestig jaar geleden officieel werd geopend.  

Moord op de seinhuiswachter 
Christiaan Hendrik ‘Kick’ Geudeker werd op 21 januari 1901 geboren in Amsterdam. Zijn vader was scheepsbeschieter bij de Rijksmarinewerf, zeg maar timmerman. Hij was een aardige voetballer. Midvoor. Niet snel, technisch goed. Hij was begonnen bij Blauw-Wit, speelde negentien wedstrijden in het eerste van Ajax, en verder kwam Geudeker uit voor PSV en Xerxes. In 1926 stopte hij met voetbal om sportjournalist te worden bij de socialistische krant Voorwaarts. Zijn voornaam Kick hield hij over aan het voetbal. 

De redactieleiding stond niet te springen toen Geudeker, toen 28, zich boog over ‘de moordzaak Giessen-Nieuwkerk’. Twee arbeiders, Jan Teunissen en Chris Klunder, waren tot vijftien jaar cel veroordeeld voor de moord op seinhuiswachter Jacob de Jong. Een veroordeling die tot stand was gekomen door valse getuigenissen, dwaze bewijsconstructies en de eerzucht van een superrechercheur. Advocaat H.H. Roobol had een verzoek tot revisie ingediend. ‘Ach, schrijf er maar een stukkie over’, had redactiechef Eduard Polak, bijnaam ‘Eitje’, gezegd. 

‘Ankersmit kreeg de volgende dag een rolberoerte. Een canard, een leugenbericht ... Zo’n snotaap van een sportverslaggever, die kon de rechters toch niet betrappen op een fout?’, herinnerde Geudeker zich later in Het Vrije Volk, de naoorlogse opvolger van de krant. ‘Ik zou eruit gelazerd worden. Zodra vast zou staan dat die rechters gelijk hadden, kon ik meteen mijn biezen pakken.’  

Hitlergroet 
Geudeker beet zich vast in de zaak, verwierf sympathie bij de krant, en in de maanden daarna claimde Het Volk de zaak als een stukje klassenstrijd: twee arbeiders waren geslachtofferd door politie en justitie. De belangstelling voor het revisieproces bij de rechtbank aan de Prinsengracht was overweldigend. Journalisten uit binnen- en buitenland waren er, onder wie Geudeker die inmiddels werd beschouwd als een held van het proletariaat. De rechtszaal zat elke dag propvol.  

Het Volk spon garen bij de affaire. De krant en de Rotterdamse pendant Voorwaarts kregen er elke dag tientallen abonnees bij. Op 15 september 1929 sprak mr. Johan Jolles, president van het Amsterdamse Hof, Teunisssen en Klunder vrij. Duizenden mensen stonden op het Leidseplein om Teunissen, Klunder en Geudeker toe te juichen. De journalist vergeleek het later met de ontvangst van Ajax na het winnen van de Europa Cup.  

De zaak Giessen-Nieuwkerk had de naam van Geudeker gevestigd. Ybele van der Veen, directeur van de Arbeiderspers, gaf hem een fikse salarisverhoging en hij werd benoemd tot chef van de sportredactie voor beide socialistische kranten. In mei 1933, ruim twee maanden na de Rijksdagbrand in Berlijn, organiseerde Geudeker als voorzitter van de Amsterdamse Sportpers een stemming om als sportjournalist niet meer naar Nazi-Duitsland te reizen. Het voorstel wordt verworpen. Sport en politiek moeten gescheiden blijven, was het motief.  

Een jaar later was hij in Leipzig voor de wereldkampioenschappen wielrennen en zag dat het evenement werd beveiligd door mannen in SA-uniform en dat de Duitse renners de Hitlergroet brachten. Een ‘Sportführer’ vertelde de Nederlandse journalisten dat het wel meeviel met de Jodenvervolging. Hij overtuigde niet alle aanwezigen. In 1936 besloot Geudeker dat Het Volk en Voorwaarts geen eigen verslaggevers naar de Olympische Spelen in Berlijn zou afvaardigen. Hij was een uitzondering.                     

Handboek voor de visser 
In zijn vrije tijd zat Geudeker graag aan het water. Hij was een verwoed hengelaar en hij schreef daar ook over. Drie weken nadat de Duitsers Nederland binnenvielen, verscheen Beet!, een handboek voor de visser dat ondanks de papierschaarste al snel werd herdrukt. De klassieker onder de boeken voor hengelaars beleefde in 1971 zijn achtste druk. Met Het Vreselijke Visavontuur van professor Hubbel had hij eveneens succes. 

Vissen, vond Geudeker, ‘maakt de menschen vertrouwd met eenzaamheid, gelukkig met de stilte, intiem met zijn betere ik.’ Hij adviseerde schrijvers een hengel uit te gooien ‘in stee van middelmatige boeken op de markt brengen.’ Politici zouden er beter aan doen te vissen ‘en minder onzin brabbelen en onze musici moeten begrijpen dat de mooiste muziek die van de dobber is.’ 

In mei 1940, toen Het Volk onder toezicht van de NSB-er Rost van Tonningen kwam, nam Geudeker ontslag. Dat jaar richtte hij het blad Sport in en om Amsterdam op. Zijn woning aan de Zuider Amstellaan (nu Rooseveltlaan), waar hij zich met vrouw en twee zonen had gevestigd, fungeerde als redactielokaal. Wie zich abonneerde op Geudekers sportblad kreeg ook Beet! toegezonden. In de oorlog vond hij ook nog tijd om het voetbalboek Karel Knal en de wonderschoenen te schrijven.  

Naarmate de oorlog vorderde raakte Geudeker meer betrokken bij het verzet. Hij liet valse identiteitsbewijzen maken, regelde onderduikadressen, verspreidde rantsoenbonnen en bracht Joden onder in zijn huis.  

Betaald voetbal 
Voor het illegale Parool schreef hij onder pseudoniem. Af en toe ging dat over sport. Naar aanleiding van het wegsturen van Joodse scheidsrechters riep de voetbalbond ‘arische’ arbiters op zich te melden om ‘stagnatie’ te voorkomen.  

‘Ja, stel u voor! Stagnatie in de voetbalcompetitie! Men moet toegeven er wordt op het ogenblik een wereldworsteling gestreden zoals de menschheid nooit te voren beleefd heeft. Het is waar dat intusschen dagelijksch duizenden menschen sneuvelen in de strijd tegen de Duitse verooveraar (…) en er geen dag voorbij gaat of de Duitsche schietbanen en kazernebinnenplaatsen daveren van het geknal der executiepelotons. Dat is allemaal goed en wel, maar wat zou er voor een ramp gebeuren als intusschen de voetbalcompetitie zou stagneren. Men mag er niet aan denken.’ 

Na de bevrijding begon Geudeker het blad Sport, dat later fuseerde tot Sport en Sportwereld. Totdat het blad in 1970 opging in het Algemeen Dagblad was de gezaghebbende Geudeker hoofdredacteur. Hij was hartstochtelijk pleitbezorger van de invoering van betaald voetbal, dat veel Europese landen al had veroverd. Begin jaren vijftig jaren wilde de KNVB daar niets van weten. Vergeefs moet de voetbalbond een poging hebben gedaan het blad op te kopen om het critici de mond te snoeren. 

De Rode Burcht 
In 1957 speelde Geudeker een hoofdrol in een andere opmerkelijke affaire. De spits van Dinamo Zagreb, Vladimir ‘Bobo’ Sal tekende een ‘voorcontract’ bij Ajax. Dé Stoop, toen de voorzitter van de BVC Amsterdam, beweerde dat Sal al een contract bij zijn club had getekend. Daarop verklaarde deze dat hij door het Ajax-bestuur was ontvoerd, vastgehouden in Hotel Americain, en gedwongen te tekenen. De KNVB besloot daarop drie bestuursleden van Ajax te schorsen. 

Geudeker ontrafelde de zaak. Sal biechtte op het verhaal onder druk van Stoop te hebben verzonnen. De ontvoering had nooit plaatsgevonden. Stoop werd voor jaren uit het betaald voetbal verbannen. In Sport en Sportwereld schreef Geudeker: ‘Men zal ons kunnen voorhouden dat wij als oud-speler van Ajax niet onbevooroordeeld zijn en deze zaak door een Ajax-bril bekijken. Daarom deze verklaring dat wij Ajax, als deze vereniging zich zozeer zou hebben gedragen als thans anderen doen, even ongenadig en meedogenloos hadden gegeseld als wij thans die anderen doen.’ 

Ontdek Ons Amsterdam

Wil jij alles weten over de fascinerende geschiedenis van Amsterdam?

Abonneer je Arrow right Geef cadeau Arrow right

Een sterk gevoel voor rechtvaardigheid had hij in de loop der jaren behouden. ‘Een democraat ben ik sindsdien altijd gebleven’, zei hij in 1973 tegen Nico Polak van Het Vrije Volk. ‘Laatst nog stond ik bij het gebouw van Het Vrije Volk aan het Hekelveld, dat in de dagen van de zaak Giessen-Nieuwkerk juist werd gebouwd als een symbool van de nieuwe tijd. Jullie mogen best weten dat ik erbij heb staan grienen.’ De Rode Burcht was gesloopt en had plaatsgemaakt voor een hotel. 

Weg met die rotzooi 
Een maand voor zijn overlijden, op 14 november 1977, heeft columnist Nico Scheepmaker Geudeker bezocht in zijn flat aan de Edisonstraat. Van daar kon hij de Jaap Edenbaan bijna zien en was het maar een kwartier lopen naar het Ajaxstadion. Ze spraken over oude en overleden sportjournalisten als Han Hollander en Joris van den Bergh.  

In de GPD-bladen schreef Scheepmaker erover, waarbij hij Geudeker citeerde. ‘De overname van Sport en Sportwereld door het Algemeen Dagblad was zo’n nare ervaring, dat ik dacht: weg met die rotzooi! En ik heb er geen spijt van. Mijn vader was een bewariër, maar ik heb alles weggedaan, ook een heel pak brieven van Teunissen, ellenlange brieven waarin hij zijn onschuld bezwoer. Waar moet je met al die dingen naartoe?’  

Kick Geudeker werd 76 jaar. De dader van de moord op seinhuiswachter Jacob de Jong is nooit gevonden. 

Guus Mater
Decembernummer 2021

Beeld: Geudeker was een verwoed hengelaar. Drie weken na de Duitse inval van mei 1940 verscheen zijn boek Beet!, een handboek voor de visser. Bij deze latere uitgave staat hij zelf op de omslag.

Delen:

Dossiers:
Sport
Editie:
December
Jaargang:
Tijdperk:
1900-1950
Rubriek:
Markante Amsterdammers