De Dam verbergt z'n pareltjes

Weinig plekken in Amsterdam zijn zo vaak afgebeeld als de Dam, ook al is het plein “een lelijk eendje”, zoals Fred Feddes vaststelt in zijn boek over de Dam. Het kleine gebiedje bij de dam in de Amstel kreeg zijn huidige vorm aan het begin van de 20ste eeuw door drastische sloopactiviteiten en de komst van grote warenhuizen. Eerder had het bijzondere maar buitenproportionele stadhuis van Jacob van Campen het Damplein “een zekere doodsheid” gegeven. Met het verdwijnen van de middeleeuwse bebouwing, waaronder een tweetal gezellige herbergen, was de menselijke maat verdwenen, constateert hij terecht.

Feddes schreef een “familiealbum”, waarin hij losjes door de tijd reist. Het forse tafelboek is daardoor nogal associatief ingedeeld en bestaat voornamelijk uit een verzameling bijschriften die de uitbundige illustraties (230) begeleiden. Maar er zijn verborgen pareltjes te vinden: bijvoorbeeld het nooit-uitgevoerde Damplan van de 19de-eeuwse ingenieur Adriaan Huët en de ‘rode kiosk’ (bekend van Breitners De Dam).

Het boek opent met chronologische stukken over de vroegste ontwikkelingen. Daarna volgt een essay over kunstenaars en hun relatie tot het plein. Feddes meent dat kunstenaars “vrijwel nooit” aan de Dam woonden, die ook “geen kunstplein” was. Maar dat is een onhoudbare stelling: Jacob van Ruisdael huurde er een verdieping, Romeyn de Hooghe had zijn studio in de Wakkere Hond en herberg de Hammetjes was een centrum voor de kunsthandel. Kopieën van de gevelstenen van deze huizen zijn in 1917 geplaatst in de nieuwbouw van P&C, als herinnering aan de vernielde vergane glorie.

MAARTEN HELL

 

DE DAM

* Fred Feddes,

* Uitgeverij Bas Lubberhuizen

* ISBN 9789059375215

* 264 blz.

* € 49,99

 

April 2019

Delen:

Editie:
Maart
Jaargang:
2019 71
Rubriek:
Recensie

Gerelateerd

Een monument onder het IJ
Een monument onder het IJ
Recensie 1 maart 2019
De man van de Tropentoren
De man van de Tropentoren
Recensie 1 maart 2019
Grillig fotomodel
Grillig fotomodel
Recensie 1 maart 2019