In oude glorie: Droomtheater Opmerkelijk

Geschreven door Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.     Juni 10, 2011    
3366   0   0   0   0   0

Op 2 april is een van de meest tot de verbeelding sprekende Amsterdamse restauraties van de laatste tijd afgerond.

Dan opent Theater Tuschinski zijn deuren weer voor het publiek. Wat eind 2000 begon met technisch noodzakelijke vernieuwingen en herstelwerkzaamheden, groeide uit tot een ontdekkingstocht in nog onbekende uithoeken van de fantasierijke wereld van Abraham Tuschinski. Het schoongemaakte, gerestaureerde en deels gereconstrueerde interieur ademt de sfeer uit de periode 1921-1936, toen de grondlegger van het filmpaleis zich tot in de kleinste details bemoeide met het ontwerp en het interieur van ‘zijn’ theater. Dé blikvanger tot dusver, de ontvangsthal, is vooral opgefrist, maar in de grote zaal wachtte de grootste verrassingen, zoals de vondst van de vrouwenschilderingen bovenin.

Wat in de ontvangsthal – en in de andere bioscoopruimten – vooral verdween, is de donkerbruine gloed op wanden en plafonds. Met het afsoppen van de dikke nicotinelaag (in Tuschinski mocht altijd worden gerookt, vandaar) maakte de nostalgische ‘bruin-café-toets’ plaats voor de oorspronkelijke, sprankelende kleuren. Het grote ‘adelaarstapijt’, het meubilair, de wandschilderingen met pauwenmotief en de grote lichtkoepel met oranjegele, groene en rode lampjes lijken opnieuw tot leven te zijn gekomen. Dat leverde ook weer een nieuw probleem op: eerdere reparaties, van bijvoorbeeld het plafond in de wandelgang, waren netjes in de toenmalige kleur geschilderd. Deze stukken staken nu opeens veel donkerder af, omdat zij – onbewust – in ‘nicotinebruin’ waren geschilderd!

Plafondschildering helemaal opnieuw aangebracht

Sinds de opening op 28 oktober 1921 is Tuschinski verschillende malen aangepast en vernieuwd, met name de grote zaal. Voor de oorlog werden daar onder meer het plafond, de schilderingen en de wandafwerking gerestaureerd. Een van de pronkstukken in de zaal was – en is – de gigantische plafondlamp uit 1921. De melkglasplaatjes in de lamp zijn vernieuwd en voorzien van een oranjegolvende rand naar het voorbeeld van oorspronkelijke stukjes glas en oude foto’s; de ‘poten’ van de lamp kregen hun goudkleurige decoratieve rand terug. Deze lamp vormde het middelpunt van een spinnenwebachtige plafondschildering die later werd overschilderd. De technische staat van de stuclaag waarop de plafonddecoraties waren aangebracht, was echter zo slecht dat vervanging noodzakelijk was. Aan de hand van de contourlijnen en kleuronderzoek werd de oorspronkelijke plafondschildering met pauwmotief gereconstrueerd op de nieuwe ondergrond. Bovenaan de wanden prijken rondom achttien levensgrote en kleurrijke vrouwenfiguren, die tijdens de restauratie werden ontdekt – oorspronkelijk geschilderd in 1931. In het midden van de reeks vrouwen – en van de zaal – pronkt weer een vogel. De al aanwezige ventilatieroosters werden gewoon mee gedecoreerd. In de bochten van de zaal is de lambrisering later verhoogd: daar gaan de vrouwenbenen schuil achter de betimmering. Ter gelegenheid van het tienjarig jubileum van Tuschinski werden aan de toneelwand die toen werd vernieuwd zilverkleurige armaturen aangebracht. Die zijn nu weer blootgelegd. De balkons zijn overgeschilderd in de originele grondkleur van 1921, waarbij de randen ook weer een sjabloonbeschildering hebben gekregen op basis van het oorspronkelijke ontwerp. Voor de verdere afwerking van de balkononderkanten ontbraken tijd en geld. Tijdens de restauratie kwam in de zaal en op de eerste verdieping ook de originele wandafwerking weer te voorschijn. Om een goede akoestiek te kunnen blijven garanderen zijn voor dit behang speciale platen gezet. Daarover is een stof gespannen, waarop het oude patroon is aangebracht in de originele kleur. De uit 1921 stammende, met decoratieve stempels bedrukte, papierrand bovenlangs blijft nu in het zicht.

Al met al heeft deze restauratie een samenhang tussen hal, trappenhuis, wandelgangen en grote zaal teruggebracht die alleen Ons Amsterdam-lezers op respectabele leeftijd en met memorabel geheugen zich nog voor de geest kunnen halen.

Tekst: Jos Smit

Maart 2002

Jos Smit is architectuurhistoricus en medewerker van Bureau Monumentenzorg Amsterdam.

Zie voor meer afbeeldingen en informatie ook www.bmz.amsterdam.nl en www.cultuurinvoorraad.nl

Powered by JReviews