Column: 75 jaar hoogmoed

Als je nu het Victorieplein passeert en opkijkt naar de zogenaamde Wolkenkrabber vraag je je af of Berlage, die daar aan de voet in een soort van loophouding staat afgebeeld, naast zijn schoenen heeft gelopen.

Om een appartementengebouw van twaalf verdiepingen een “wolkenkrabber” te noemen zou vandaag getuigen van Amsterdamse hoogmoed, zeker als je kijkt naar de Rotterdamse skyline van nu. Om van andere wereldsteden maar niet te spreken. Zelfs in Amsterdam, waar hoogbouw nooit “en vogue” is geweest, wennen we inmiddels aan joekels als De Nederlandsche Bank, de Rembrandttoren en de creaties aan de Zuid-As en Sloterdijk-Teleport.

Toch was de Wolkenkrabber, toen deze 75 jaar geleden verrees, een gedurfd experiment. Het gevaarte – naar de maatstaven van toen – was ontworpen door architect Jan Frederik Staal en bedoeld als hoogtepunt van zijn beroemde Plan Zuid. Gesitueerd in het middelpunt van de drie toenmalige, majestueuze Amstellanen, na de oorlog omgedoopt tot Vrijheidslaan (eerst nog Stalinlaan), Churchilllaan en Rooseveltlaan.

Voor veel vooroorlogse Rivierenbuurtkinderen was de Wolkenkrabber hét oriëntatiepunt. Zo ook voor Anne Frank, die in de jaren voor haar onderduik op het Merwedeplein woonde. In het boek Het andere huis van Anne Frank, uitgekomen ter gelegenheid van de restauratie van deze woning en de ingebruikneming als toevluchtsoord voor vluchtschrijvers, beschrijft de historicus Piet de Rooy hoe Anne Frank daar, in de schaduw van de Wolkenkrabber, in juni 1942 haar dagboek begon en schreef over de twee ijssalons in de buurt die nog voor joden toegankelijk waren

Ook ik heb in mijn jongste jaren in de nabijheid van de Wolkenkrabber gewoond. Veel herinneringen heb ik niet meer aan die tijd, maar aan de kinderfoto’s is te zien dat, tijdens de vele wandelingen met kinderwagen, het Merwedeplein menigmaal eindpunt was. Mijn moeder heeft trouwens na de oorlog nog jarenlang pal naast de Wolkenkrabber gewoond.

Ikzelf bewaar nog heftige herinneringen aan het Daniël Willinkplein, zoals het Victorieplein vóór 1945 heette. Op de plek waar nu het standbeeld van Berlage staat was de verzamelplaats voor de joodse families die tijdens de razzia’s in de Rivierenbuurt uit hun huizen waren gehaald. Op een ochtend in mei 1943, in alle vroegte, stonden mijn moeder en ik daar ook met onze rugzakken, gereed voor vertrek naar Westerbork. Ik herinner me niet of ik nog omhoog heb gekeken toen het bevel werd gesnauwd dat we moesten doorlopen.

Tekst: Ed van Thijn
Foto: Stadsarchief
Juli-Augustus 2006

Delen:

Editie:
Augustus Juli
Jaargang:
2006 58
Rubriek:
Column
Tijdperk:
1950-2000