Buurtherinneringen: Met de bus over de Kattenburgergracht

Wij wonen aan de Prins Hendrikkade naast het 'Willem Dreeshuis'. Vanaf het balkon op de derde verdieping kijk ik neer op het stadsstrandje voor de deur. Naar rechts kijkend kan ik de Kattenburgerbrug zien liggen met daarachter de Kattenburger-, Wittenburger- en Oostenburgergracht.

Hier kijk ik elke ochtend of m’n bus er al aan komt. Staat de bus bij de halte op de Oostenburgergracht dan heb ik nog tijd om een boterham te eten en met normale tred naar beneden en naar de bushalte bij de Peperstraat te lopen. Wanneer hij de Wittenburgerhalte al heeft bereikt dan moet ik mijn boterham opeten als ik de trap afloop. Eénmaal op straat kijk ik voortdurend over mijn schouder om te zien of de bus de hoek van de Schippersgracht al omkomt om te weten wanneer ik moet gaan hollen. Zie ik de bus bij de halte op Kattenburg dan moet ik mijn boterham vergeten en zo snel mogelijk beneden zien te komen. Ik zeil de drie trappen af door mijn handen zover mogelijk naarvoren aan beide zijden op de leuning te zetten, een bijna volledig gestrekte duikhouding aan te nemen en vervolgens mijn voeten naar beneden onder mijn lichaam door te laten schieten, de leuning tijdens mijn duikvlucht los te laten en op de overloop daaronder te landen. Dit herhaal ik tweemaal, trek de buitendeur open, spring de acht treden van de stenen stoep af en begin naar de halte te rennen. De bus is op dat moment niet te zien maar ik weet dat hij tussen de halte bij het Zeemanshuis en de brug over de Schippersgracht rijdt .

Onder het rennen passeert de bus me. Er staan om die tijd meestal genoeg mensen bij de halte te wachten om op tijd bij de bus te komen. Als er maar één of twee staan dan mis ik hem. Hijgend stap ik in, laat mijn weekkaart aan de chauffeur zien en zijg als er een vrije is plek is op een bankje neer. Maar meestal is dat niet zo, ik wring me door de volle bus naar een plek waar ik aan een stang of lus kan hangen en weer langzaam op adem kom. Een enkele maal is de snelheidsexplosie zo groot geweest dat ik sta te duizelen op mijn plekje en pas bij aankomst bij het Centraal Station de slapte uit mijn knieën verdwijnt. En dat alles omdat ik te laat m’n bed uitkom. Niet omdat ik er te laat in duik, maar wel omdat ik laat in slaap val. Meestal lig ik ‘s avonds in bed te lezen tot ik mijn boek uit heb. Soms is dat pas wanneer de vogels beginnen te fluiten.

Ron Peeters

Beeld: Wachtende mensen bij de bushalte in de Kattenburgerstraat. Stadsarchief Amsterdam.

Delen:

Gerelateerd

Buurtherinneringen: Speedwayraces in het Olympisch Stadion
Buurtherinneringen: Speedwayraces in het Olympisch Stadion
Herinneringen 15 oktober 2021
16 oktober 1889. Opening van het nieuwe Centraal Station
16 oktober 1889. Opening van het nieuwe Centraal Station
Actueel 15 oktober 2021
Luchtvaartpionier Karel Muller
Luchtvaartpionier Karel Muller
Verhaal 15 oktober 2021