Blootsvoets rond de kerk

Na zes jaar oorlogsgeweld verloren de katholieken in 1578 abrupt hun dominante positie in het openbare leven. Door de overgang van Amsterdam naar de geuzen moesten ze de mis voortaan in de beslotenheid van hun huiskerken vieren. In ruil voor steekpenningen kneep de schout een oogje dicht, maar in crisistijden waren de misgangers algauw de zondebok.

Rond 1600 bestond de helft van de Amsterdammers nog uit katholieken, een halve eeuw later 30%. Die grote religieuze minderheid bedacht nieuwe manieren om haar geloof te beleven, zonder aanstoot te geven. Zo liep Cornelia Elisabeth Occo voortaan in stilte de mirakelprocessie, de herdenking van het middeleeuwse ‘hostiewonder’. En ze was niet de enige: jaarlijks liepen gelovigen blootsvoets de mirakelprocessie, ondanks het verbod op zulke “paapse superstitien”.

Cornelis Plemp hield de katholieke subcultuur levend in zijn verzen. Hij hoopte dat katholieken ooit hun heiligdommen weer in alle openheid zouden mogen vereren. Halverwege de 18de eeuw leek hij gelijk te krijgen, toen bij de ruïne van de Mariakapel in Heiloo op wonderbaarlijke wijze een bron was ontsprongen en vanuit Amsterdam groepen “doldriftige Roomschgezinden” naar dit bedevaartsoort trokken, in het openbaar, bij vol daglicht.

Het zijn maar enkele voorbeelden van de deels onderdrukte belevingswereld van Nederlandse katholieken in een gereformeerde omgeving.

MAARTEN HELL

 

 

KATHOLIEK IN DE REPUBLIEK

De belevingswereld van een religieuze minderheid 1570-1750

- Carolina Lenarduzzi

- Uitgeverij Van Tilt 

- ISBN 9789460044359

- 476 blz.

- € 29,50

 

Januari/Februarinummer 2020

Delen:

Editie:
Januari Februari
Jaargang:
2020 72
Rubriek:
Recensie
Tijdperk:
1500-1600 1600-1700 1700-1800