Verder heb ik veel herinneringen aan het dagelijks leven in Betondorp. In het Brinkhuis zat op woensdagmiddag de spaarbank voor de stad Amsterdam. Iedere week mocht ik een kwartje sparen. Daarvoor kreeg je dan een zegeltje in je spaarbankboekje. Op zaterdagmiddag gaf meneer Janszen daar zangles. Heerlijk was dat!

Op het Huismanhof zat de gymnastiekvereniging D.O.C. (Door Oefening Crescendo). Het was een fanatieke vereniging met bekende trainers. Eenmaal per jaar liepen we achter een muziekkorps in optocht door het dorp. In mijn herinnering was er ’s winters altijd ijs. Je leerde schaatsen op de vijver aan de Zaaiersweg. Later gingen we altijd naar de ijsbaan in Diemen.

Aan de overkant van ons huis was een drogist. Daar stond midden in de winkel een grote tank met petroleum. Iedereen liet daar zijn kannetje vullen voor het petreoleumstel thuis.

Ajax zat nog aan de Middenweg. Als ze thuis speelden stonden de straten vol met auto`s. Zodra er gescoord werd hoorde je het gejoel in heel Betondorp. Naast Ajax was het volkstuincomplex Rust en Vreugd. Mijn vader had daar een tuin. Voor hem een heerlijke ontspanning, voor ons ook altijd verse groente en mooie bloemen.

Ik heb er tot eind 1960 gewoond. Mijn vader is in 1966 overleden, mijn moeder heeft er tot 1985 gewoond. Dat was in de Veeteeltstraat 22. Ik kijk er nog altijd met veel plezier op terug en blijf me, hoewel ik er al ruim 60 jaar weg ben, nog altijd Amsterdammer maar meer nog Betondorper voelen.

ELS DE JONG-DEINERT

Beeld header: De Ploegstraat in Betondorp, circa 1950. Stadsarchief Amsterdam.

Meer verhalen en herinneringen aan 100 jaar Betondorp zijn te vinden in het Aprilnummer 2022.