De couriers rijden op lichte motorfietsen met een sterke motor. Remmen hebben ze niet; en maar één versnelling. Het “voetenwerk” is dus bepalend voor het verloop van de race. Elke wedstrijd bestaat uit heats van vier ronden met vier rijders over vier-honderd meter. De sintelbaan krijgt er dan behoorlijk van langs. Dat is een van de redenen dat in het Olypisch Stadion tegenwoordig geen speedwaywedstrijden meer plaatsvinden; men houdt de sintelbaan liever heel.

De Amsterdamse vereniging “ De Vliegende Hollanders” verschijnt regelmatig aan de start om de strijd aan te gaan met bijvoorbeeld “ De Brabantse Leeuwen”. De prestaties van het team liegen er niet om. Zo weten Cootje Boef, Nico van Gorkum en Tonny Kroeze menig maal de show te stelen. Hoe die lui uit elkaar te houden? De vier kleuren – groen, blauw, rood, geel – van de helm helpen een handje.

De vereniging weet zich gesteund door de supportersvereniging “ De Vliegende Hollanders”. Deze vereniging “ houdt kantoor” in het bovenzaaltje van Cafe Theo Ruiter aan de Rozengracht. Zo weten de bestuurders het aangename met het nuttige te verenigen. De supportersvereniging verzorgt de reclame in het stadion vanuit de ruimte waar vakkundig commentaar op de wedstrijd wordt gegeven. Particulieren en neringdoenden kunnen een prijs ter beschikking stellen voor de winnaar van elke wedstrijd. De speedwaywedstrijden vormden voor veel Amsterdamse ondernemers dan ook een uitgelezen kans om reclame te maken.

Jan van der Beek

Beeld: Speedwaywedstrijd in het Olympisch Stadion, 1963. Nationaal Archief/Anefo, Joop van Bilsen.