Ons Amsterdam, ‘geïllustreerd maandblad, gewijd aan de hoofdstad des lands’, verscheen voor het eerst op 1 januari 1949. Het was een uitgave van de Gemeentelijke Commissie Heemkennis, waarin allerlei vooraanstaande Amsterdamkenners zaten. Anton Portielje bijvoorbeeld, ‘het gezicht van Artis’, volkskundige Piet Meertens, natuurbeschermer Jacob Heimans en Ton Koot, ‘slotvoogd van het Muiderslot’ en schrijver van het populaire wandelboekje En nu… Amsterdam in!.

Het voorwoord in het eerste nummer van Ons Amsterdam was van burgemeester Arnold d’Ailly. ‘Kennis is Liefde,’ schreef hij: ‘Het is mijn persoonlijke ervaring – en ik weet, hierin niet alleen te staan – dat grotere kennis, op allerlei gebied, van zijn woonstad tot resultaat heeft, dat men van haar gaat houden, dat men haar als zijn eigen bezit gaat beschouwen.’ Hij hoopte dat de Commissie met de uitgave ‘in staat zal zijn onze liefde voor Amsterdam op te wekken of te vermeerderen’.

Dat d’Ailly zo hartelijk over liefde voor Amsterdam schreef, was niet voor niks. De herinnering aan de oorlogsjaren was nog vers. Grote delen van de stad en de havens lagen in puin, tienduizenden Joodse Amsterdammers waren vermoord. Wie de formidabele film De Bezette Stad van Steve McQueen en Bianca Stigter heeft gezien, kan meevoelen hoezeer Amsterdam door de oorlog en de bezetting was veranderd, vooral in de harten van de Amsterdammers.

Het oude woord ‘heemkennis’ had een negatieve bijklank gekregen. Er kleefde de herinnering van de bezettingsjaren aan toen, in de woorden van de redactie, ‘bloed en bodem voldoende redenen waren om alle misdaden door mensen ooit begaan, ongestraft te bedrijven tegen hen, die van een ander bloed op andere bodem vreedzaam een eerlijk stuk brood verdienden’.

De stemming in stad en land was er een van ‘niet omkijken’ maar ‘aanpakken’ en ‘doorbreken’, de nieuwe tijd omarmen, en dat betekende vooral sloop van het oude, voor frisse wederopbouw.

Het Ons Amsterdam van 1949 wilde de verbinding met het verleden nieuw vormgeven en de Amsterdammers aanmoedigen de geschiedenis van hun stad weer te omarmen. Stadsgeschiedenis moest vooral een lichte, vriendschappelijke toon krijgen, schreef de redactie:

‘Waarde lezer, het gaat niet in de eerste plaats om zwaarwichtige wetenschap, het gaat om de levensvreugde. Er zou veel bereikt zijn, als er vele Amsterdammers op hun dagelijkse gang door de straten hier een gevelsteen, daar een oude boom, ginds een geveltje, verderop een poort als een goede vriend begroetten, als zij van aangezicht tot aangezicht overal deze vrienden in de stad kenden en er vreugde was om het weerzien.’

Het blad was een succes. In mei 1949 telde het al zesduizend abonnees. Ons Amsterdam schreef in de eerste jaren nog vooral over die ‘vrienden in de stad’: de poortjes, de gevelstenen, de bomen, de torenspitsen en de wederwaardigheden van Amsterdammers uit het verre verleden. Het had daarbij weinig oog voor de komst van tienduizenden ‘repatrianten’ uit Nederlands-Indië, of voor de woningbouw voor arbeiders in de 20ste eeuw. Het ging ook aan de redactie voorbij dat in datzelfde jaar Pete Felleman voor het eerst een hitparade presenteerde op de Nederlandse radio.

Vijfenzeventig jaar later beslaat de geschiedenis in Ons Amsterdam veel meer terreinen. Amsterdam is een stad geworden met vele culturen, vele lagen, vele invalshoeken en dus met veel meer verhalen.

Maar de woorden burgemeester d’Ailly zijn nog altijd relevant. Kennis van de stad vergroot de liefde voor de stad, en die liefde is opnieuw van groot belang. Het zicht op Amsterdam wordt vertroebeld door miljoenen toeristen, door ondermijning, verwaarlozing en vercommercialisering van de binnenstad, door onbetaalbare huren en huizenprijzen, door brutale overtredingen van de verordeningen die de weerloze waarde van de stad moeten beschermen.

De redactie van Ons Amsterdam wil de komende 75 jaar opgewekt doorgaan met het voeden van onze gezamenlijke liefde voor Amsterdam. Niet alleen met dit tijdschrift, ook met onze podcast, de Grote Amsterdam Quiz, de talrijke evenementen in de stad. Net als 75 jaar geleden gaat het niet om zwaarwichtige wetenschap: het gaat om levensvreugde.


Feestjes

Het 75-jarig bestaan van Ons Amsterdam is ook de opmaat van het 750-jarig jubileum van Amsterdam, dat in oktober 2024 losbarst. Met bevriende organisaties als Stadsherstel, het Rembrandthuis, AT5 en het Scheepvaartmuseum nodigen we u dit dubbele feestjaar uit voor een serie grote en kleine evenementen. Onze nieuwsbrief en website houden u op de hoogte: www.onsamsterdam.nl.