Om 12 uur ‘s middags gaat het ‘openings-defilé’ van start. In alfabetische volgorde trekken de sporters het Olympisch Stadion binnen, en brengen een groet aan prins Hendrik (koningin Wilhelmina weigert te komen omdat zij niet is geraadpleegd over de datum). Vooral de ploegen van het militaristische Duitsland en Italië maken indruk. Hitler en Mussolini, die allebei graag de nadruk leggen op de fysieke kwaliteiten het Duitse dan wel Italiaanse volk, hebben een grote groep goed getrainde atleten gestuurd. ‘Wat 'n verschil met de vrij kleine Italiaansche vertegenwoordigers bij vroegere Olympiades maakt dit groote leger sportmenschen uit het land van Mussolini’,’ schrijft een journalist enthousiast. Ook het ‘prachtige legioen der Duitsche sport’ maakt ‘een uitnemenden indruk.’

Eén land ontbreekt in het defilé: De Franse atleten weigeren mee te lopen na een akkefietje met de portier van het Olympisch Stadion. Een dag eerder heeft ‘een incident plaatsgehad’: De Fransen wilden in het Stadion trainen, iets wat door het Nederlands Olympisch Comité (N.O.C.) uitdrukkelijk verboden is. Als de sporters bij de ingang niet onmiddellijk rechtsomkeert maken, meent de dienstdoende portier ‘aan deze beslissing van het N.O.C. kracht te moeten bijzetten door een der Franschen een klap te geven.’ Als blijkt dat dezelfde man ook tijdens de opening van de Spelen de ingang bewaakt, weigeren de Fransen langs hem heen naar binnen te gaan. Het Nieuwsblad van het Noorden meldt dat later ‘het geschil gelukkig is bijgelegd’, zodat de Franse sporters nog wel de Olympische eed kunnen afleggen.

Beeld: De hollandse deelneemsters tijdens het defilé. Stadsarchief Amsterdam/Weenenk & Snel.