Wie nu denkt aan het Monument op de Dam ziet voornamelijk de tweeëntwintig meter hoge pyloon voor zich. Oorspronkelijk bestond het oorlogsmonument echter uit een halfronde muur met elf open nissen. De muur, die nu gebogen om de pyloon heen staat, diende als tijdelijk monument totdat het Oorlogsmonument gereed was. In de nissen stonden elf urnen, die ieder een Nederlandse provincie representeerde. Iedere urn bevat aarde van de erebegraafplaatsen aldaar. De grote afwezige in dit monument was uiteraard de grond, en daarmee de herdenking van de oorlog, uit de (voormalig) Nederlandse koloniën. Dit is representatief voor hoe er in eerste instantie werd omgegaan met de oorlogservaringen uit Nederlands-Indië: het werd veelal weggestopt en weinig over gesproken. Uiteindelijk werd er op 29 april 1950, onder toeziend oog van koningin Juliana en prins Bernhard, een twaalfde urn bijgezet met aarde afkomstig van de 22 erebegraafplaatsen uit Nederlands-Indië. Toen het Oorlogsmonument op 4 mei 1956 werd onthuld werden de nissen dichtgemetseld en voorzien van zegelstenen waarop het provinciewapen prijkt. Voor de urn van Nederlands-Indië is het wapen van Nederland geplaatst. Sinds 2020 wordt de Nationale Indiëherdenking ook op de Dam gehouden.