Amsterdam 100 jaar geleden, 17 december 1913:

Jan van de Munt, Amsterdams correspondent van de Leeuwarder Courant, noteert:

“Cocoline is een nieuw soort braadvet. Nergens kun je wandelen of

glimlacht je tegemoet. De melodie van cocoline wordt door alle kruideniers

gezongen. (…) Hoe komt het dat alle kruideniers in de stad zoo eenstemmig den

smakelijken braadvetlach van cocoline lachen? Het komt doordat de fabrikanten

van het product een etalagewedstrijd hebben uitgeschreven, waarbij niet

onbelangrijke prijzen worden uitgeloofd voor de etalage die cocoline en zijn

hemelsblauwe verpakking als hoofdmotief heeft.”

Inderdaad stond al op 30 oktober  1913 in diverse kranten de advertentie:

‘Morgen begint de 14-daagsche premieverkoop van Cocoline”, gevolgd door de

adressen van 180 Amsterdamse en 60 Utrechtse kruideniers- en

comestibleswinkels die deze cocosboter verkochten.