Verloren 'cost'

Oud-Kinkerstraatbewoner Hans Broekhuijsen (geb. 1945) bracht als jongen uren door aan de oevers van de nabije Kostverlorenvaart. Daar trok van alles voorbij.

De Kostverlorenvaart loopt van noord naar zuid aan de westkant van het oude centrum. In de 15de eeuw gegraven om de afwatering naar het IJ te verbeteren, werd dit kanaal eeuwenlang en nog steeds gebruikt voor het vervoer van allerlei goederen en landbouwproducten. Sla van de Slatuinenweg ging via de vaart en de grachten naar de markten in de stad. Later allerlei groenten in kleine motorbootjes elke morgen heel vroeg vanuit de tuinderijen in de Sloterpolder, nu de tuinsteden Slotervaart en Slotermeer, over de Admiralengracht en dan met een bootjeslift ('overhaaltje') aan de Baarsjesweg van polderniveau naar het stadsniveau van de kostverlorenvaart. Daarna verder noordwaarts naar de Centrale Markthallen. Krijtgesteente werd aangevoerd voor de krijtmolen tegenover de Bellamystraat, die dit tot grondstof maalde voor kalk dat dan weer de basis was voor cement en dergelijke. Kolen, antraciet, briketten en eierkolen voor brandstoffenhandel Amsterdam (ABA), waar tot voor kort Stadsdeelkantoor De Baarsjes gevestigd was. Met een grote grijper langs een stalen railconstructie boven de rijweg werden kolen vanuit de Rijnaken in open betonnen vakken gestort, om van daaruit weer naar de kolenhandels in de woonwijken gedistribueerd te worden. Boomstammen voor houtzaagmolen  De Otter, en voor de Fijnhouthandel aan de Jacob van Lennepkade.
In lang vervlogen jaren was de vaart er ook voor personenvervoer: vanaf het Aalsmeerder Veerhuis aan de Sloterkade bij de sluis via Amstelveen en Oudemeer naar Aalsmeer.
In de naoorlogse jaren kon je op zondag vanaf de Tweede Kostverlorenkade bij de Kinkerbrug met een omgebouwde dekschuit voor een kwartje naar het Amsterdamse Bos varen. In het voorjaar hoorde je langs de vaart van verre al het geblaat van schapen die in het open ruim van brede vrachtschepen vervoerd werden. Soms zag je op grote dekschuiten vliegtuigen met opgeklapte vleugels:‘Grumman Trackers’ waren het, verkenningstoestellen van de Karel Doorman, het enige vliegdekschip dat Nederland ooit had en waarop ik jaren later als dienstplichtig matroos 3de klasse nog enkele reizen zou meemaken.
Aan de schipper van een passerend schip vol suikerbieten vroegen wij, straatjongens in de jaren vijftig, eens om zo'n biet en zowaar, hij gooide er een op de wal. Omdat we vervolgens niet wisten wat we ermee moesten (de oorlog was immers voorbij) voerden we hem aan het paard van de schillenboer, dat was weer eens iets anders dan het groente en fruitafval dat hij dagelijks kreeg.
Voor de naam 'Kostverloren' zijn uiteenlopende verklaringen in omloop. In elk geval gaat het er altijd om dat de winst, de 'cost' teniet werd gedaan door de te hoge investeringen die er aan vooraf gingen. Men sprak dan van: ‘verloren cost’. En nu, in onze tijd? Opnieuw de kost verloren? Opnieuw door een Noord-Zuidverbinding?
De 'Kostverlorenmetrolijn'? De geschiedenis herhaalt zich; ook in ons Amsterdam.

Hans Broekhuijsen
September 2011