Parkeerwachters jennen en ijsjes eten op het Stadionplein

Elout Barendrecht (inmiddels 65) volgt vanuit Frankrijk nog steeds het Amsterdamse stadsnieuws. Zo laat het aangekondigde vertrek van snackbar Febo op het Stadionplein hem niet onberoerd.

In 1946 werd ik geboren op Stadionkade 147 en een stevig deel van mijn jeugd was ik op en rondom het Stadionplein te vinden. Vooral als er een evenement was in het stadion of als op het plein de tweehandsautomarkt werd gehouden, heb ik daar in de jaren vijftig lekker geschooierd.
Bij voetbalwedstrijden stond het plein vol met geparkeerde auto’s. Die werden in de gaten gehouden door parkeerwachters, veelal oude mannetjes van mijn huidige leeftijd. Om ze pesten, verstopten we ons tussen de voertuigen. Dolle pret!
De nu veelbesproken huisjes waar de Febo (nog) goede zaken doet, stonden er toen ook al. Ik denk dat ze dateren van rond 1940. De Febo bestond toen allang, maar nog niet op het Stadionplein. In het zuidelijkste gebouwtje zat destijds VAMI, een bekende melkfabriek met haar hoofdvestiging op de Overtoom.
Op het Stadionplein verkocht de VAMI ijsjes. Na het avondeten kreeg ik soms tien cent van mijn moeder om een ijsje te kopen. Ik kon nét boven de toonbank uitkomen: een granieten balie achter een glazen schuifpui. De zaak werd gerund door een echtpaar van middelbare leeftijd. De keuze aan ijs was nogal beperkt. Vanille- en aardbeien, later ook nog ijslollies.
Het roomijs was verpakt in rollen van zo’n 40 cm lang met een diameter van ongeveer acht of negen centimeter. Die ijsrollen zaten in stalen kokers die op temperatuur werden gehouden in een soort vrieskist. Aan de bovenkant zat een ring waarin de verkoper zijn vinger stak om de koker naar boven te trekken als je een ijsje wilde kopen. Even naar achteren drukken en de koker was vergrendeld.
De rol was dan klaar om er een ijsje van een dubbeltje vanaf te halen. Dat gebeurde met een soort platte schep die dezelfde diameter had als de ijsrol. Eerst werd er een wafeltje opgelegd, vervolgens een plak ijs van circa een centimeter dik ‘afgesneden’, waarna aan de onderzijde een tweede wafeltje kwam. Je kon ook een ijsje van een kwartje krijgen, die was uiteraard wat dikker, een kleine drie centimeter. Slagroom hadden ze niet.
Inderdaad, het was allemaal simpel en eenvoudig, maar ja, het waren sobere jaren. De zaak was alleen in de zomer open. Volgens mij was er gedurende de winter niets te doen en bleven de twee gebouwtjes gesloten
En nu zit de Febo er dus al vele jaren met toch wel een behoorlijk ruim assortiment aan snacks. Ik heb er jaren geleden wel eens wat uit de muur getrokken, maar weet niet hoe de zaak er nu uitziet. Daarvoor woon ik te ver weg. Toch wil ik er nog graag een keer een kroket uit de muur trekken, voordat het te laat is. Jammer dat de zaak vertrekt.

Elout Barendrecht