Warmoesstraat 15 en 19: 19de-eeuwse hoerenopvang Beth San Opmerkelijk

Geschreven door Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.     April 09, 2012    
3348   0   0   0   0   0

Tussen 1887 en 1907 was eerst op Warmoesstraat 19 en daarna op nummer 15 Beth San gevestigd, een protestants opvanghuis voor 'gevallen vrouwen'. Journalist en sigarenfabrikant Justus van Maurik schreef er in 1887 een reportage over in het Algemeen Handelsblad, die in 1901 werd opgenomen in zijn bundel Toen ik nog jong was.
Het huis stond in een 'onguur' buurtje aan het begin van de Warmoesstraat en de Oudezijds Voor- en Achterburgwal, dat destijds bekend stond als het Rattennest of Rottenest. De genoemde Bethlehemsgang (achteringang) ging in 1875 officieel Oudezijds Armsteeg 13-25 heten. Hier is nog steeds een inham in de huizenwand.


Justus van Maurik, 1887:
"In de Bethlehemsgang vindt men tegenwoordig, behalve een paar
woningen door kwartjesvinders en hun bijzitten ingenomen, het achterhuis van Beth San dat in de Warmoesstraat uitkomt.
Beth San staat daar met zijn 's avonds en 's nachts brandende lantaarn, als een baken in een zee van ongerechtigheid, een veilige haven aanwijzend voor vrouwen en meisjes die ‘uit het leven willen.’ Vroeger was het een zeer klein smal huisje; nu is het belangrijk vergroot en verbouwd, en heeft behalve een lokaal, waarin een goed bezochte Zondagschool wordt gehouden, ruimte voor tien of twaalf ongelukkigen, die den goeden weg zoeken.
Dag en nacht staat de vriendelijke directrice met haar helpsters gereed om gevallen vrouwwen of meisjes op te nemen, dikwijls gaan zij zelfs ‘de buurt’ in om ze op te zoeken, zoodra zij slechts weten dat de eene of andere uit dien poel van ellende wil gered worden. Liefderijk worden die arme schepsels in Beth San opgenomen, gereinigd en van eenvoudige, zindelijke kleederen voorzien. Geen enkel verwijt wordt haar gedaan... ‘zij komen’ - dat is genoeg!
Een onlangs met de directrice gehouden gesprek schonk mij de overtuiging dat het geen gemakkelijk liefdewerk is, wat dáár verricht wordt, want het gebeurt menigmaal, dat de zich aanmeldende vrouwen, zóó verwaarloosd en vol ongedierte zijn, dat zij eerst, na herhaalde reinigingen en baden, geschikt worden geacht voor de kleine nette slaapkamertjes, waar ieder haar eigen bed, waschtafel en kastje heeft. Natuurlijk gebeurt het ook wel eens dat zulke vrouwen - ‘Beth San’ eenvoudig als een goedkoope bad-inrichting beschouwend - opgefrischt en verkwikt weer tot haar vroeger leven terugkeeren, maar toch worden vele, door de liefderijke hand, die haar opricht, helpt en leidt, tot een meer menschwaardig bestaan gevoerd en herschapen in dienstboden of in een of andere betrekking geplaatst. Ook verlaten kinderen worden voorloopig in ‘Beth San’ opgenomen. Het komt nl. zeer dikwijls voor dat buren bij de directrice één of meer kinderen komen brengen, die zij alleen en verlaten, hongerig en ellendig op kamers of in kelderwoningen hebben gevonden. Binnen de gastvrije muren van het kleine gesticht, vinden die arme stumperds voedsel, Kleertjes en een rustig verblijf, tot dat er gelegenheid is om ze in het Bestedelingenhuis onder dak te brengen.
Toen Beth San pas geopend was, hadden de Directrice en helpsters nog al te lijden van de baldadigheid der straatjeugd en van opgeschoten jongens ‘die de boel 'ris kwamen opscheppen’, maar de omwonende vrouwen hielden haar van den beginne af de hand boven het hoofd, allengs gewende men aan den lantaarn, zoowel als aan de twee zonderlinge woorden en nu wijst men elkander met een zekeren eerbied op Beth San, als een huis waar redding en hulp te vinden is.
Het is opgericht en wordt in stand gehouden door eenige menschlievende dames.
Er is in ‘Het Rattennest’ nog ontzachelijk veel te doen, te helpen, te reinigen en te verbeteren en 't zal zeker nog jaren duren eer het een andere naam verdient."

Powered by JReviews