De Amsterdamse familie Heineken: De mensch leeft niet bij bier alleen Opmerkelijk

Geschreven door Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.     Februari 15, 2013    
7059   0   0   0   0   0


TEKST: Eric Slot (Ons Amsterdam okt. 1992)

Heineken wordt overal ter wereld met bier geassocieerd. Niet ten onrechte, maar de Heinekens hadden veel meer in hun mars. Freddy Heineken, president-commissaris van het gelijknamige concern, componeert, is uitvinder en herordent Europa. Zijn voorouders waren onder meer theoloog, politicus, schilderes, directeur van een glanzenwasserij en bestuurder van het Concertgebouw.

Schoenmaker blijf bij je leest: aan deze ‘wijsheid’ hebben de Heinekens zich nooit gehouden. Gelukkig maar. Alfred Henry (Freddy) Heineken, de huidige president-commissaris van het drankenconcern Heineken, componeerde een cd vol (‘A Dreamscape’ – de titel is bedacht door vriend Frank Sinatra), bedacht dat met een vierkante (bier)fles in ontwikkelingslanden huizen gebouwd kunnen worden, schreef reclameteksten (“The Buckler did i”) en deelde onlangs nog Europa opnieuw in. En het blijft oppassen geblazen: de tekst van het Wilhelmus bevalt hem niet meer. “De deun is prachtig, maar die Koning van Hispanje is uit de tijd, en dat Duitse bloed lijkt me evenmin passend.”

Geniaal wonderkind en rekkelijke predikant
Dat laatste was een onvoorzichtige opmerking, want zijn eigen voorgeslacht is uit Duitsland afkomstig. Maar hij heeft bepaald geen reden zich over die voorzaten te schamen. Een van die vroege Heinekens was zelfs een waar wonderkind. Christian Henrich Heineken, geboren in 1721 in Lübeck, kende als vierjarige de halve bijbel uit zijn hoofd, alsmede de hele Duitse geschiedenis en aardrijkskunde en de namen van alle Europese vorsten. Bij die vorsten ging de geniale peuter geregeld op visite en hield dan toespraken in het Duit, Frans en Latijn. Maar een echte voorvader van Alfred is hij niet, om de simpele reden dat hij geen tijd had om vader te worden: hij stierf al in 1725.
Waarschijnlijk heeft Alfred zijn brede kijk meer van Diderik Heineken, zijn bet-bet-overgrootvader. Diderik zag in 1730 te Bremen het levenslicht. Hij studeerde aan de hogescholen van Deventer en Harderwijk en bracht het tot doctor in de wijsbegeerte en in de theologie. Zijn geleerdheid was alom bekend. In 1753 werd hij beroepen tot predikant in Doornspijk, maar hij woonde in Elburg.
Het scheelde steeds maar weinig of hij was, net als zijn oudere broer NIcolaus, hoogleraar geworden. Kennelijk zit ook dat in de genen, want Alfred Heineken kan eveneens beticht worden van een licht docerend karakter. Net als zijn nazaten was Diderik een vrijzinnig denker. In 1753 promoveerde hij op een proefschrift over het belang van experimentele natuurkunde. Daarmee zat hij op een lijn met broer Nicolaus, die als hoogleraar aan de hogeschool van Deventer tot veler ontzetting placht te betogen dat natuurkunde ook voor theologen van groot belang is. Diderik Heineken was ‘coccejaan’, een aanhanger van Johannes Coccejus (1603-1669), die in de voortdurende godsdienst-twisten van zijn tijd een ‘rekkelijk’ standpunt innam, bijvoorbeeld over de zondagsrust. Vanuit die optiek schreef hij De planting van Jezus kerke door diensten der Apostelen, zeer levendig afgebeeld onder de vier doorluchtigste wonderwerken van de Heere Christus, beschreven in Matheus 8:12-16. In helder daglicht gesteld en op zijn rechte onderwerp toegepast. “In helder daglicht gesteld…” Helder was het, heerlijk moest het nog worden.
Diderik overleed op 6 augustus 1795 aan een darmkoliek. Twee jaar later, in juni 1979, trad zijn zoon Adriaan Gilles Heineken in het huwelijk met Antonia Cornelia Warneke. Hij was in 1765 geboren in Elburg maar vestigde zich met zijn vrouw op de Brouwersgracht in Amsterdam, waarmee de link tussen filosofie en bier gelegd is. Het echtpaar kreeg acht kinderen: Diderikus (1798), Cornelis (1800), Jacoba Wijnanda (1801), Theodora Segerina (1803), Frederik Nicolaus (1804), Wijnand (1806), Adriaan Gilles (1808) en Antonia Cornelia (1809). Het is de zoon van Cornelis Heineken die het brouwersvak kiest: Gerard Adriaan.

Avontuurszin en een goed hart
Cornelis was getrouwd met Anna Geertruida van der Paauw. In 1841 werd hun zoon Gerard Adriaan geboren, die in zijn 30e levensjaar trouwde met freule Mary Tindal (de zus van jonkheer Henry Tindal, financier van professie en oprichter van het dagblad De Telegraaf). Acht jaar eerder, in 1864, had Gerard Adreiaan – pas 22 jaar oud – brouwerij De Hooyberch gekocht, die in 1592 door “de energieke brouwersweduwe Wijntgen Elberts” (aldus bedrijfshistoricus H.A. Korthals in 1948) was opgericht op de Nieuwezijds Voorburgwal, waar nu Die Port van Cleve staat. Gerard Adriaan krijgt eenzelfde positieve beoordeling als weduwe Elberts: “Een man van durf en initiatief, man ook van avontuurszin en een goed hart.” Behalve ondernemer was hij ook (1872-1879) gemeenteraadslid, maar daar beperkten zijn verdiensten zich tot het voorstel een hondenbelasting in te voeren.
In 1865 werd bij het gemeentebestuur een klacht tegen de brouwerij ingediend door omwonenden: de brouwerij zou stank veroorzaken en bovendien het water in de grachten verontreinigen. Het was tijd waarin de ene gracht na de andere werd gedempt, en de klacht kwam het gemeentebestuur wel goed uit: het gaf het een argument ook de Nieuwezijds Voorburgwal te dempen. De brouwerij werd daardoor gedwongen te verhuizen. Het kwam niet eens zo heel slecht uit: de produktie bedroeg 5000 vaten per jaar, maar de vraag naar bier was groter en uitbreiding op die plek was onmogelijk. In 1868 verhuisde de brouwerij naar een terrein aan de Stadhouderskade, in de toenmalige Binnendijkse Buitenveldertse Polder (nu de Pijp).
Pas op 11 januari 1873 werd de Heineken’s Bierbrouwerij Maatschappij officieel opgericht. De doelstelling van de brouwerij (het aandeel bier ten koste van jenever vergroten) blijkt uit een feestlied uit 1867:
Niet meer het geestbedwelmende vocht
Zal ons volksdrank zijn
Neen, Hollandsch bier versiere steeds
Den disch van groot en klein

Tegenwoordig produceert Heineken niet alleen bier, maar ook frisdrank en jenever. Maar jenever en bier vindt Alfred Heinkeen nog steeds niet samen kunnen gaan: “Dat lijkt me net zoiets als spinazie met speculaar.”
Tot 1893 werd het bedrijf geleid door Gerard Adriaan. Na zijn dood nam zijn vrouw de teugels in handen. Strak, zoals haar bijnaam ‘hare majesteit’ doet vermoeden. De weduwe huwde opnieuw en wist haar zoon Henry Pierre (1886-1971) voor het brouwersvak te interesseren. De jonge Heineken studeerde chemie en trad in 1914 – het jaar waarin hij promoveerde – in dienst van de brouwerij. Hij was president-directeur van 1918 tot 1951.
Henry Pierre was al net zo veelzijdig als NIcolaus voor hem en Alfred na hem: hij was voorzitter van de raad van bestuur van het Concertgebouworkest (en zelf een verdienstelijk pianist),  was actief in de dierenbescherming en had als hobby’s alpinisme, fotograferen en schermen. Hij was de oprichter van de schermvereniging La Spada.
Zoveel hobby’s kun je je alleen maar veroorloven als je de juiste beslissingen neemt. Onder leiding van Henry Pierre werd – in 1929, toen Heineken al de grootste brouwerij van het land was – besloten bier te gaan bottelen, en na de opheffing van de drooglegging in Amerika was Heineken een van de eerste brouwers die bier naar land van de onbegrensde mogelijkheden exporteerde. Over het verbruik in eigen land was Alfred Heineken, terugblikkend, evenwel niet echt tevreden: “Bespottelijk laag.”
Alfred Heineken nam als president-directeur in 1971 het roer van zijn vader over, nadat hij eerst in Amerika het bier persoonlijk aan de man had gebracht. Hij nam naar eigen zeggen een niet zo florissant bedrijf over: “Een uitgewoonde fabriek, nauwelijks kapitaal. (…) Mijn vader was geen financier. Ik heb kennis van financiën , business.” De cijfers geven hem gelijk: elk jaar steeg de omzet met vijf, twintig of zelfs vijfentwintig procent. Bij zijn afscheid als voorzitter van de raad van bestuur in 1989 werd een record-omzet van 7,2 miljard en een record-winst van 291 miljoen gulden geboekt. Organisatie, distributie, marketing en reclame, daar draait het om, “want bier maken kan iedereen”.
Niet dat Alfred Heineken altijd even tevreden was over het bier dat hij produceert. Over het alcoholarme Buckler: “Allemaal modes. De maag is erg conservatief. En Heineken is toch al een frisdrank. Ik ben alleen voor dry beer als je er dorst van krijgt.”
In 1983 werden Alfred Heineken  en zijn chauffeur Ab Doderer ontvoerd. “Ik denk er af en toe aan terug, zeer intens. Maar ik raak niet bevangen door paniek of zo.” En als Heineken eng droomt, dan is het over het eindexamen Duits. “Ik was al ruimschoots getikt voordat ik werd ontvoerd.” Voor de dood is hij niet bang: “Het is niet erg om dood te gaan, het was tenslotte ook niet erg toen je nog niet bestond. “Lichtjes filosofisch, het moeten de genen zijn.

Glazenwasser, raadslid, schilderes
Niet iedere Heineken belandde in de brouwerij. De oudste broer van de grootvader van Alfred Heineken, Diderikus, trad aan het einde van de jaren dertig van de 19de eeuw in het huwelijk met Carolina Kolling. Een van hun zonen, geboren in 1838, werd naar grootvader Adriaan Gilles vernoemd. Adriaan Gilles junior werd directeur van de Amsterdamsche Glazenwasserij, Heineken’s Schoonmaakbedrijf (vroeger Heineken Schoonmaakbedrijf, maar nadat het bedrijf kort geleden werd verkocht mocht de naam Heineken niet meer worden gebruikt en werd er een s aangeplakt. Heineken’s Schoonmaakbedrijf mocht wel).
Niet iedereen ging in zaken. De dochter van Wijnand, een oom van Gerard Adriaan, Marie (1844-1930) werd schilderes. Zij bekwaamde zich vooral in stillevens.
De andere Wijnand in de familie, de broer van Diderikus (ook een oom van Gerard Adriaan) werd advocaat. Deze Wijnand (1845-1939) was redactielid van maandblad Vragen des Tijds en medeoprichter van dagblad Het Noorden. Hij was ook betrokken bij de oprichting van het weekblad De Amsterdammer, waarvan de aandelen later overgingen naar financier Henry Tindal, zijn zwager. Politiek was hij links-libaraal: vóór overheidsingrijpen ten behoeve van het algemeen belang en vóór algemeen kiesrecht; zijn vrouw, Henriëtte Wilhelmina (Jet) Daum, was lid van het comité voor stemrecht voor vrouwen. Wijnand frappeerde zelfs geestverwanten door geen enkele groep van het kiesrecht uit te sluiten. Hij had tevens zitting in het Comité ter bespreking van de sociale quaestie, dat streefde naar verbetering van de verhouding tussen arbeiders en beter gesitueerden Van 1878 tot 1901 zat Heineken voor de Radicale Bond, later de Vrijzinnig Democratische Partij, in de Amsterdamse gemeenteraad. Daar baarde hij onder meer opzien door in 1893 voor te stellen het ‘raadsgebed’ af te schaffen. Of voorvader Diderik dát had goedgekeurd, valt te betwijfelen. In ieder geval stemde de raad massaal tegen.

Amours de rampe
In 1920 verscheen in de Haagsche Post een boekbespreking. “In de Bibliothèque-Charpentier (Eugene Fasquelle) te Parijs, is verschenen Lettres de la Hollande neutre, door Adrienne Lautère. De brieven geven, in romanvorm, een van uitstekende opmerkingsgave getuigende en absoluut onpartijdige psychologische studie van neutraal Holland. De schrijfster is een oprechte vriendin van Holland, doch neemt niet haar toevlucht tot eenigerlei vleierij. Zij geeft in haar boek een levendige, zeer getrouwe, zeer sympathieke schildering van de Hollandsche ziel. Een boek dat den Franschen ter lezing sterk kan worden aanbevolen om zich een juist denkbeeld van dit land te vormen.”
Achter het pseudoniem Adrienne Lautère gaat de dochter van raadslid Wijnand Heineken en Jet Daum schuil: Adrienne Gilliana Heineken. In 1911 trouwde zij met de Franse journalist Gabriel de Lautrec. De relatie strandde een jaar later, maar toen had Adrienne als Adrienne de Lautrec al gedichten gepubliceerd onder de titel La Révolte. Na de scheiding publiceerde Adrienne onder de naam Lautère – haar ex-man had haar het gebruik van zijn naam verboden. In 1909 had Adrienne al onder haar eigen naam een bundel verzen gepubliceerd: Amours de rampe, sonnetten over literaire coryfeeën. Behalve romans en verzen schreef Adrienne ook over beroemde 17de eeuwse figuren. Haar laatste publikatie dateert uit 1950 en gaat over Le bon vieux temps. Begin jaren zestig overleed Adrienne.
Lettres de la Hollande neutre is te lezen als een sleutelroman. Het boek gaat over twee zuster die beiden getrouwd zijn. De jongse met een Amsterdamse zakenman, in wie we Adriennes vader kunnen herkennen: Wijnand Heineken. De vrouw van de zakenman is een Française; de moeder van Adrienne was in werkelijkheid een Waalse. De dochter van het echtpaar heet Marie (Adrienne), en is getrouwd met Marcel (Gabriel de Lautrec). Marie is op familiebezoek in Baarn (Hilversum) en kan vanwege de oorlog niet meer naar haar huis in Frankrijk terug. Vaak reist zij met haar vader naar Amsterdam, waar deze een kantoor heeft. Daar woont ook haar grootvader. Tijdens de verjaardag van de grootvader raken de twee zusters slaags: de moeder van Marie en haar man blijken pro-Engels, de zuster (die in Den Haag woont) en haar man pro-Duits te zijn en ervan overtuigd dat de ‘moffen’, zoals Marie de Duitsers betitelt, zullen winnen.
Of en in hoeverre het boek de werkelijke verhoudingen binnen de familie weergeeft, is natuurlijk maar de vraag. Riskeert Freddy Heineken met een herschrijving van het Wilhelmus geen nieuwe familieruzie?

---


STERK VERSIMPELDE STAMBOOM: 

                                                   

 

STERK VERSIMPELDE STAMBOOM:


                                                Christiaan (1687-1752)


                                               -----------------------

                                                             l

     Diderik (1730-1795)

       (theoloog/natuurkundige)

                                                 ---------------------------

                                                           l

                                            Adriaan Gilles (1763-1824)

                                            (vestigt zich in Amsterdam)          

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------                     l                                                l                               l                       l

Diderikus (1798-1882)            Cornelis (1800-1862)             Wijnand (1806-1882)       Adriaan Gilles (1808-1887)

-------------------------                   ---------------------     ------------------------ ------------------------------

l                                                       l                            l                                          l

Adriaan Gilles (1838-1915)         Gerard Adriaan          Marie (1844-1930)               WiJnand (1845-1939)

(Heineken’s Glazenwasscherij)   (1841-1893)              (schilderes)                      (advocaat/politicus)

                                            (oprichter brouwerij)                                             --------------------

                                            ----------------------                                                           l

                                                             L                                                                   Adrienne Gillianne

                                             Henry Pierre (1886-1971)                                        (1886-1963)

                                   (brouwer/voorz. Concertgebouw)                                                   schrijfster)

                                            ------------------------------

                                                        l

                                          Alfred Henry (1923-2002)

                                               (brouwer)

                                          ------------------------------

                                                          l

                                                   Charlene



Powered by JReviews